De regering moet het Ministerie van VWS doorzettingsmacht geven. Dit betekent dat het ministerie maatregelen tegen besmettelijke dierziekten zelfstandig kan afdwingen. Deze ziekten vormen een gevaar voor de volksgezondheid. Eerdere adviezen en afspraken om dit ministerie meer macht te geven, zijn tot nu toe niet uitgevoerd.
Motie van het lid Kostić c.s. over VWS doorzettingsmacht geven bij gevaarlijke besmettelijke dierziekten
De kamer,
constaterende dat de commissie-Van Dijk naar aanleiding van de
Q-koortsepidemie al in 2010 dringend adviseerde het Ministerie van VWS
doorzettingsmacht te geven bij de bestrijding van besmettelijke
dierziekten, maar dat die aanbeveling nooit is opgevolgd;
constaterende dat de Kamer in 2020 bijna unaniem een motie (25 295, nr.
379) heeft aangenomen om het Ministerie van VWS doorzettingsmacht te
geven bij besmettelijke dierziekten, maar dat deze motie niet wordt
uitgevoerd;
constaterende dat de Algemene Rekenkamer het in 2022 «zorgelijk»
noemde dat de Minister van VWS nog altijd geen doorzettingsmacht heeft
gekregen;
verzoekt de regering het Ministerie van VWS alsnog doorzettingsmacht te
geven bij de preventie en bestrijding van besmettelijke dierziekten die een
bedreiging vormen voor de volksgezondheid.