Nieuwe rekenregel voor grondprijs woningbouw
14 januari, ChristenUnie, D66, VVD
De regering moet de regels voor de waarde van bouwgrond aanpassen. Vanaf 2027 moet de prijs van grond berekend worden op basis van wat de bouwprojecten uiteindelijk opleveren. Nu is grond vaak te duur door handelaren die speculeren op winst. Door deze nieuwe rekenmethode worden de prijzen lager. Hierdoor kunnen woningen sneller en goedkoper worden gebouwd.
Motie van het lid Grinwis c.s. over de inbrengwaarde van grond baseren op de residuelewaardemethodiek
De kamer, constaterende dat de prijs van verworven grond van grote invloed is op de financiƫle haalbaarheid en het tempo van woningbouw en er brede politieke en maatschappelijke consensus bestaat over het tegengaan van speculatieve grondhandel en daarmee samenhangend te hoge grondverwervingsprijzen; overwegende dat de invoering van een planbatenheffing complex is, tot onzekerheid bij project- en gebiedsontwikkelaars en woningcorporaties leidt en het risico op vertraging van woningbouwprojecten vergroot, met name doordat de kans toeneemt dat agrarische eigenaren hun grond niet meer vrijwillig willen verkopen; overwegende dat bepaling van de waarde van de verworven gronden op basis van de residuele methode, waarbij de waarde wordt afgeleid van de opbrengst van de ontwikkeling minus de kosten daarvan, speculatief hoge verwervingsprijzen uitbant, maar de verwerving van gronden niet zal doen stagneren, waarmee verruiming van het kostenverhaal door invoering van de residuele waarde de snelst en best uitvoerbare methode is met de minste nadelen; constaterende dat de residuele methode ook in het rapport van de adviesgroep STOER wordt aanbevolen; verzoekt de regering om het waardebepalingsvoorschrift, artikel 8.17 van het Omgevingsbesluit, aan te passen en de inbrengwaarde van grond vanaf 1 januari 2027 te bepalen op basis van de residuelewaardemethodiek.
Behandeld
DatumActiviteit
15 januariBegroting Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (36800-XXII) voortzetting
20 januariStemmingen