Belasting voor familiebedrijven onderzoeken
18 januari, SGP, BBB, ChristenUnie
De regering moet regelen dat eigenaren van familiebedrijven pas belasting betalen als ze winst maken bij verkoop van hun aandelen. Een jaarlijkse belasting is nu niet passend, omdat de waarde van deze aandelen lastig te bepalen is en ze niet zomaar verkocht kunnen worden. Om dit mogelijk te maken, moet de regering eerst een duidelijke definitie van familiebedrijven vaststellen.
Motie van het lid Stoffer c.s. over in de Wet werkelijk rendement box 3 een passende en afgebakende definitie opnemen van familiebedrijven
De kamer, constaterende dat in een eerdere versie van de Wet werkelijk rendement box 3 een vermogenswinstbelasting gold voor aandelen in familiebedrijven; overwegende dat deze vorm van belastingheffing daarbij ook beter past, omdat deze aandelen bijvoorbeeld niet vrij verhandelbaar zijn en niet jaarlijks gewaardeerd worden; overwegende dat met name het definiëren van «familiebedrijven» de uitvoering van een vermogenswinstbelasting voor deze groep uitdagend maakt; constaterende dat de definitie van «startups en scale-ups» nog nader uitgewerkt moet worden; verzoekt de regering hierbij ook een passende en afgebakende definitie van familiebedrijven mee te nemen, en alsnog te bezien hoe aandelen in familiebedrijven op basis van een vermogenswinstbelasting belast kunnen worden.
Aangenomen op 10 februari: 97 - 53
BBB
JA21
G-Markus
SGP
VVD
DENK
FVD
CU
PVV
50PLUS
CDA
PvdD
D66
SP
GL-PVDA
Volt
Behandeld
DatumActiviteit
19 januariWet werkelijk rendement box 3
4 februariVoortzetting Wet werkelijk rendement box 3
10 februariStemmingen