De regering moet sancties invoeren tegen de Israëlische regering. Dit moet gebeuren omdat Israël de vergunningen van 37 hulporganisaties heeft ingetrokken. Hierdoor stopt belangrijke noodhulp voor Gaza en de Westelijke Jordaanoever, zoals voedsel en zorg. Volgens het internationaal recht is deze hulp noodzakelijk om een volkerenmoord te voorkomen.
Motie van het lid Teunissen c.s. over nationale sancties tegen de Israëlische regering tot 37 organisaties hun humanitaire werkzaamheden kunnen hervatten
De kamer,
constaterende dat de Israëlische overheid per 1 januari 2026 de vergunningen van 37 internationale humanitaire organisaties heeft ingetrokken
en opgeschort, waardoor zij hun hulpverlening in Gaza en de Westelijke
Jordaanoever moeten beëindigen;
constaterende dat deze maatregel leidt tot het wegvallen van een groot
deel van de medische zorg, voedselhulp, watervoorziening en onderdak;
overwegende dat onafhankelijke humanitaire hulp onder het internationaal humanitair recht beschermd is en door het Internationaal
Gerechtshof als essentieel is aangemerkt om genocide te voorkomen;
overwegende dat ook derde staten de plicht hebben om alles in het werk
te stellen om onbelemmerde, neutrale en onafhankelijke humanitaire hulp
mogelijk te maken;
verzoekt de regering om op nationaal niveau sancties in te stellen tegen
de Israëlische regering tot de 37 organisaties hun humanitaire werkzaamheden in Gaza en de Westelijke Jordaanoever kunnen hervatten.