De regering moet zorgen dat jaarlijks 500 miljoen euro beschikbaar blijft voor agrarisch natuurbeheer via het ANLb, ook na 2030. Want Nederland heeft afgesproken dit bedrag te investeren, maar nu gaat er slechts 165 miljoen, waardoor boeren die natuur willen beheren op wachtlijsten staan.
Motie van het lid Van der Plas c.s. over middelen voor agrarisch natuurbeheer
De kamer,
constaterende dat het Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer (ANLb)
bedoeld is als een bovenwettelijke vergoeding voor vrijwillige inspanningen van boeren voor natuur, landschap en biodiversiteit;
overwegende dat weidevogels, waaronder de grutto, in Nederland
afhankelijk zijn van sterke en goed onderhouden boerennatuur, en de
Europese Commissie Nederland heeft opgedragen meer zorg te besteden
aan de instandhouding van de gruttopopulatie;
constaterende dat in het voormalige hoofdlijnenakkoord was afgesproken
om structureel 500 miljoen per jaar extra te investeren in agrarisch
natuurbeheer door boeren, onder andere via het ANLb om boeren
langjarig en marktconform te vergoeden voor hun geleverde diensten;
constaterende dat agrarische collectieven en provincies reeds werken met
het ANLb-stelsel en dat er in veel gebieden wachtlijsten bestaan van
boeren die willen deelnemen;
constaterende dat in de financiële bijlage van het nieuwe coalitieakkoord
jaarlijks slechts 165 miljoen euro structureel naar agrarisch natuurbeheer
lijkt te gaan;
verzoekt de regering:
– te borgen dat structureel 500 miljoen per jaar beschikbaar blijft voor
agrarisch natuurbeheer, ook na 2030, via het ANLb, conform de
afspraken uit het voormalige hoofdlijnenakkoord;
– deze middelen in te zetten via agrarische collectieven en provincies
zodat ze direct ten goede komen aan boeren die natuur- en landschapsbeheer uitvoeren;
kst-36800-XIV-66
ISSN 0921 - 7371
’s-Gravenhage 2026
Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 XIV, nr. 66
1
–
en de dekking hiervoor te vinden binnen de LVVN-begroting door
herprioritering van de 20 miljard aan middelen uit het voorgenomen
stikstofpakket, zodat de structurele investering van 500 miljoen per jaar
gewaarborgd blijft.