De regering moet de veiligheid van Nederlandse havens beschermen. Veel terminals zijn nu in buitenlandse handen, wat risico's geeft voor spionage en sabotage. De regering moet kritieke bedrijven aanwijzen via veiligheidswetten, onderzoeken of er een maximumpercentage voor buitenlands eigendom moet komen en een noodprocedure maken om schadelijke inmenging direct te stoppen.
Motie van het lid Boelsma-Hoekstra c.s. over de weerbaarheid en economische veiligheid van havens aanpakken door kritieke entiteiten aan te wijzen
De kamer,
constaterende dat de Europese Commissie onlangs de Europese
havenstrategie heeft gepresenteerd, in navolging van het
rapporteursverslag-Berendsen, waarin werd geconstateerd dat onze
havens de poort zijn tot Europa, maar we de sleutels uit handen hebben
gegeven;
overwegende het belang dat de Kamer hecht aan deze Europese
havenstrategie en het tegengaan van buitenlandse inmenging in onze
havens, getuige de in 2022 aangenomen motie-Van der Molen/Koerhuis
over dit onderwerp;
overwegende dat de regering zich recent, in het geval van Nexperia,
genoodzaakt zag om een noodwet in te zetten vanwege risico’s voor de
nationale veiligheid, strategische autonomie en het ontstaan van
ongewenste afhankelijkheden;
overwegende dat een belangrijk deel van terminals en overslagcapaciteit
in Nederlandse havens in buitenlandse handen is;
verzoekt de regering de weerbaarheid en economische veiligheid aan te
pakken door kritieke entiteiten aan te wijzen onder de Wet weerbaarheid
kritieke entiteiten, de Cyberbeveiligingswet, de Wet veiligheidstoets
investeringen, fusies en overnames (Wet vifo), de risico’s van de
toeleveranciersketen aan te pakken met de Aanbestedingswet op
defensie- en veiligheidsgebied, en de Kamer daar na de zomer van 2026
over te informeren;
verzoekt de regering de wenselijkheid van een maximumpercentage voor
het aantal terminals in Nederlandse havens dat in buitenlandse handen
mag zijn te onderzoeken en hier indien daartoe aanleiding bestaat nadien
actief op te sturen;
kst-31409-500
ISSN 0921 - 7371
’s-Gravenhage 2026
Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 409, nr. 500
1
verzoekt de regering om in samenwerking met havenbedrijven en andere
partners de (wettelijke) mogelijkheden voor een noodknopprocedure te
onderzoeken om schadelijke buitenlandse inmenging tegen te gaan, met
daarin duidelijke grenzen voor wanneer de risico’s op spionage, sabotage
of economische afhankelijkheid door buitenlandse inmenging te groot
zijn.