De regering moet de verruiming van de hypotheekrenteaftrek ongedaan maken. In het coalitieakkoord is afgesproken dat deze aftrek ongewijzigd blijft. De regering wil de aftrek nu echter met 281 miljoen euro verhogen.
Motie van het lid Stultiens over de verruiming van de hypotheekrenteaftrek ongedaan maken
De kamer,
constaterende dat het kabinet voornemens is de hypotheekrenteaftrek met
281 miljoen euro te verruimen als gevolg van het verhogen van het
tweede tarief in box 1;
overwegende dat er in het coalitieakkoord was besloten om de hypotheekrenteaftrek juist ongewijzigd te laten;
verzoekt de regering deze verruiming van de hypotheekrenteaftrek
ongedaan te maken, bijvoorbeeld door het maximale aftrekpercentage te
verlagen of door het eigenwoningforfait beperkt te verhogen.
Argumenten voor: De partij heeft als expliciet doel om de woningmarkt toegankelijker en betaalbaarder te maken [1], waarbij zij de hypotheekrenteaftrek stap voor stap en geleidelijk wil afbouwen [1][2][3]. Het huidige systeem wordt als niet houdbaar op de lange termijn en niet solidair met jongeren en starters beschouwd [4]. Daarnaast streeft de partij naar een minder complex belastingstelsel door fiscale uitzonderingsregelingen stapsgewijs aan te pakken via afschaffing of versobering [5] en wil zij minder inkomensafhankelijke regelingen [6].
Argumenten tegen: De partij wil bij de afbouw van de hypotheekrenteaftrek rekening houden met de belangen van huidige huizenbezitters [1]. Om te voorkomen dat zij die in hun financiële planning hebben gerekend op de aftrek in de knel komen, pleit de partij voor een lange transitieperiode van dertig jaar [1].
Bronnen:
"Het is duidelijk dat we eerlijke keuzes moeten maken. Waarbij we zowel de belangen van huidige huizenbezitters als starters op de huizenmarkt meewegen. Ons expliciete doel is de woningmarkt toegankelijker en betaalbaarder te maken. Daarom bouwen we de hypotheekrenteaftrek geleidelijk af. De opbrengsten gebruiken we een op een om de inkomstenbelasting te verlagen. Het kabinet dient hiertoe voorstellen in. Daarbij stellen we een aantal belangrijke randvoorwaarden die in de uitwerking moeten worden geregeld:
* De geleidelijke afbouw vindt plaats over een lange transitieperiode van dertig jaar, zodat huiseigenaren die met de aftrek rekening hebben gehouden in hun financiële planning, niet in de knel komen.
* We houden rekening met andere fiscale regelingen rondom huisbezit.
* We brengen de impact op de huizenmarkt goed in kaart en nemen die mee in onze voorstellen."
"Ontspannen woningmarkt: huren en kopen wordt gelijkwaardiger en de hypotheekrenteaftrek bouwen we langzaam af met gelijktijdige verlaging van de inkomstenbelasting."
"Woningzoekende op 1 - Wij kiezen voor de woningzoekende in onze voorstellen om jaarlijks 100.000 woningen te bouwen. Het principe van 'straatje erbij' breiden we uit tot een 'wijkje erbij' zodat jongeren in hun dorp of stad kunnen blijven wonen. We maken het moeilijker om woningbouw met juridische procedures te vertragen. De gang naar de Raad van State beperken we. De hypotheekrenteaftrek bouwen we stap voor stap af, terwijl we tegelijk de inkomstenbelasting evenveel verlagen. Zo maken we woningen meer betaalbaar op de langere termijn."
"Veel starters verdienen te veel voor een betaalbare huurwoning, maar te weinig voor de hypotheek om een fatsoenlijk huis te kopen. Ze zitten vast. De huizenprijzen worden opgedreven door grote (fiscale) verschillen tussen huren en kopen, die in het nadeel uitpakken voor huurders en starters op de woningmarkt. Dit systeem is niet solidair met onze jongeren en niet houdbaar op de lange termijn. De regels voor de hypotheekrenteaftrek zijn bovendien bijzonder ingewikkeld geworden."
"Ons belastingstelsel zit vol met allerlei fiscale uitzonderingsregelingen die het stelsel complexer en minder robuust maken. Deze moeten stapsgewijs worden aangepakt, met als uitgangspunt afschaffing of versobering. We zetten de opbrengst in voor fiscale maatregelen of subsidies die effect hebben."
"We willen minder inkomensafhankelijke regelingen, waar minder mensen gebruik van hoeven maken en met minder hoge toeslagen, zodat de marginale druk omlaaggaat."