De regering moet financiële bijstand koppelen aan aantoonbare integratieinspanningen. Goede integratie is nodig voor de sociale samenhang en zelfredzaamheid. Duidelijke voorwaarden voorkomen bovendien dat sociale voorzieningen te veel nieuwkomers aantrekken.
Motie van het lid Keijzer c.s. over financiële bijstand aan nieuwkomers koppelen aan integratie-inspanningen
De kamer,
constaterende dat succesvolle integratie van nieuwkomers essentieel is
voor sociale samenhang en zelfredzaamheid;
overwegende dat duidelijke voorwaarden aan sociale voorzieningen
tevens kunnen bijdragen aan het beperken van een aanzuigende werking;
verzoekt de regering om, in navolging van België, financiële bijstand in
welke vorm dan ook te koppelen aan aantoonbare integratieinspanningen.
Argumenten voor: De partij ziet integratie als een wederkerige opdracht waarbij nieuwkomers de taak hebben om zich actief in te spannen om te integreren en Nederlands te leren [1]. Er wordt expliciet gepleit voor meer eisen aan integratie, waarbij statushouders verplicht moeten inburgeren op straffe van het verliezen van hun status [2]. Daarnaast wordt gesteld dat iedere statushouder verplicht is om in te burgeren en actief mee te doen aan de samenleving [3], waarbij de nadruk ligt op een inburgeringsplicht [4].
Argumenten tegen: De verstrekte tekst bevat geen directe argumenten tegen het koppelen van financiële bijstand aan integratie-inspanningen.
Bronnen:
"Integratie is een wederkerige opdracht. Aan nieuwkomers is het de taak - zoals aan alle inwoners van Nederland - om vorm en inhoud te geven aan het democratisch burgerschap. Om zich aan onze wetten en regels te houden, zich actief in te spannen om te integreren en Nederlands te leren. Van de samenleving mag worden verwacht dat ze nieuwkomers eerlijke kansen geeft in het onderwijs, op een baan, en dat ze waar nodig nieuwkomers een extra zetje geeft. Van instanties zoals het COA en gemeenten mag worden verwacht dat zij zich proactief inzetten, aanspreekbaar zijn op resultaten en hun processen zo organiseren dat statushouders de beste kansen krijgen. Op die manier bouwen we met elkaar aan onze samenleving. Een samenleving waar we mensen waarderen om hun inzet en prestaties, om hun meedoen. Waar we de mens zien en niet de migrant met een andere achternaam."
"Meer eisen aan integratie - Statushouders moeten verplicht inburgeren, anders verliezen ze hun status. Kinderen van statushouders volgen verplichte voor- en vroegschoolse educatie, zodat ze snel meedoen op school. Arbeidsmigranten die hier langer blijven, volgen een taaltraject. Alleen kansrijke asielzoekers krijgen sneller toegang tot de arbeidsmarkt en we zetten stevig in op statushouders aan het werk."
"Elke statushouder is verplicht in te burgeren en actief mee te doen in de samenleving. Dat kan via taallessen, vrijwilligerswerk en betaald werk. Gemeenten hebben extra aandacht voor vrouwelijke statushouders, jonge kinderen en 'achterblijvers'."
"Taal is dé sleutel tot meedoen in de samenleving: op school, op het werk en in sociale contacten. Daarom willen wij een vroege taalstart die begint tijdens de asielprocedure. Inburgeringsplichtigen spreken en schrijven binnen maximaal drie jaar de Nederlandse taal."