Duurzame regels voor windparken op zee

De regering moet ecologische en circulaire regels verplicht stellen bij windparken op zee en dit ook in de EU en NSEC (een energie-samenwerking aan de Noordzee) afdwingen. Dit beschermt de natuur in de Noordzee en maakt Nederland minder afhankelijk van andere landen.

Motie van het lid Van Oosterhout c.s. over vasthouden aan ambitieuze ecologische en circulaire criteria voor wind op zee

De kamer, overwegende dat circulaire criteria ertoe bijdragen geopolitieke afhankelijkheden te verminderen; constaterende dat ecologische criteria het mariene leven in de Nederlandse Noordzee versterken zonder de businesscase te ondermijnen; verzoekt de regering vast te houden aan ambitieuze ecologische en circulaire criteria en deze structureel, doelmatig en realistisch te verankeren in toekomstige tenders voor wind op zee; verzoekt de regering zich in EU- en NSEC-verband in te zetten voor ecologische en circulaire criteria, zodat alle lidstaten die structureel, doelmatig en realistisch verankeren in toekomstige tenders voor wind op zee.
3 juni | GL-PvdA, D66, PvdD | Aangenomen: 76–74 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma CU

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij wil dat duurzame en biologische inkoop de norm wordt bij aanbestedingen [2] en dat natuurinclusieve infrastructuur een criterium wordt in aanbestedingen [7]. Voor wind op zee wil de partij het voorzorgsbeginsel toepassen om negatieve effecten op de ecologie en visserij te minimaliseren [4]. Daarnaast streeft de partij naar strategische autonomie door de voorkeur te geven aan Europese goederen en diensten om de afhankelijkheid van landen zoals China en de VS te verminderen [2], wat aansluit bij het verminderen van geopolitieke afhankelijkheden. Ook ziet de partij dat klimaatbeleid bijdraagt aan energieonafhankelijkheid [5] en dat normering op Europees niveau noodzakelijk is om de circulaire economie te laten slagen [1]. Bovendien wil de partij dat de economie de grenzen van de schepping respecteert [3].

Argumenten tegen: De partij merkt op dat de klimaat- en energietransitie een taaie fase is en dat de randvoorwaarden, zoals de vergunningverlening, eerst op orde moeten worden gebracht om te voorkomen dat burgers en bedrijven in de knel komen [6].

Bronnen:

  1. "Circulaire bedrijven hebben het zwaar terwijl de circulaire economie de toekomst is. Circulaire producten zijn duurder dan wegwerpproducten en de vraag blijft achter. Normering van de vraag op Europees niveau is noodzakelijk om het circulair maken van de economie te laten slagen. We stimuleren de circulaire capaciteit van de industrie, bijvoorbeeld met ketenafspraken. Ketenafspraken met onvoldoende resultaat, zoals statiegeld op blikjes, worden dwingender opgelegd. Producenten worden waar mogelijk verantwoordelijk voor identificeerbare stromen, zoals luiers of plastics. Bij dit alles is van belang dat een eerlijk speelveld ontstaat en dat geen onnodig zware administratieve verplichtingen worden opgetuigd. Bestaande, soms prille hergebruikketens worden indien nodig financieel ondersteund. Met verplichte bronscheiding of nasortering en een verbrandingsverbod op recyclebare materialen, blijven deze langer beschikbaar voor de economie. Er komt een heffing op het gebruik van nieuw plastic (virgin plastic), zodat hergebruik van plastic lonend wordt."
  2. "Het Rijk moet haar rol beter pakken om bij te dragen aan verduurzaming en om het mkb en sociale ondernemingen te betrekken bij aanbestedingen. We maken lokaal, duurzaam en biologisch inkopen de norm, ook bij aanbestedingen. Aanbesteden moet anders: de grens voor directe gunning aan het mkb wordt verhoogd, teksten bij aanbestedingen worden leesbaar en we stellen praktijkvoorbeelden van eenvoudiger inkopen ter beschikking. In het kader van strategische autonomie geven we de voorkeur aan de inkoop van Europese goederen en diensten, om de afhankelijkheid van China en de VS te verminderen."
  3. "Voor een bloeiend Nederland zijn ondernemers van essentieel belang. Met hun creativiteit en lef zorgen zij voor het verdienvermogen van de toekomst. Voor de ChristenUnie is dit toekomstige verdienvermogen meer dan financieel van aard. Natuurlijk is een goede boterham van belang, maar welvaart is breder dan geld alleen. We willen dat onze economie de grenzen van de schepping respecteert en recht doet aan eerlijke arbeidsverhoudingen en productiestandaarden wereldwijd."
  4. "Het fundament van onze toekomstige energievoorziening bestaat uit een mix van wind en zonne-energie. We faseren de gas- en kolencentrales uit, en vullen het energiesysteem aan met twee nieuwe grote kerncentrales. Daarnaast onderzoeken we de inzet van kleine modulaire kerncentrales (SMR's) van Europese producenten als alternatief voor of aanvulling op grote kerncentrales. Wind op zee vormt de basis. Daarbij passen we het voorzorgsbeginsel toe, zodat negatieve effecten op ecologie en visserij(gemeenschappen) worden geminimaliseerd. Via slimme contracten worden risico's tussen markt en overheid gespreid."
  5. "Om de schepping te bewaren is ambitieus klimaatbeleid noodzakelijk. Bovendien draagt goed klimaatbeleid bij aan energieonafhankelijkheid: we zijn nu voor onze energievoorziening afhankelijk van landen waar we niet afhankelijk van willen zijn. Dat moet stoppen. Klimaatverandering houdt zich niet aan grenzen: het is een wereldwijd vraagstuk dat een internationale aanpak vraagt. Daarom is het goed dat Nederland zich al jaren, in internationaal verband, inzet voor goede, bindende afspraken om de impact van het menselijk gedrag op het klimaat te verkleinen."
  6. "De klimaat- en energietransitie zit in een taaie fase. Klimaatdoelen afspreken bleek nog vrij eenvoudig, klimaatdaden stellen en volhouden blijkt een stuk ingewikkelder. Dat heeft deels te maken met de ingewikkelde internationale context, maar ook met het feit dat Nederland zijn randvoorwaarden voor vergroening van de economie niet op orde heeft: het elektriciteitsnet zit overvol, de vergunningverlening zit op slot en er is een gebrek aan goed opgeleide vakmensen. Die randvoorwaarden moeten met voorrang op orde worden gebracht, anders komen burgers en bedrijven in de knel, omdat er geen reëel handelingsperspectief is (zie ook hoofdstuk 2 'Nederland van het slot')."
  7. "We willen biodiversiteit behouden en versterken, en onze ecosystemen veerkrachtiger maken. Boeren en natuurorganisaties worden beloond voor het onderhoud van landschapselementen en het beheer van soorten en leefgebieden. Nationale Parken en overige natuur met unieke internationale waarde worden juridisch beter beschermd. Ook buiten natuurgebieden versterken we de kwaliteit en biodiversiteit van de omgeving. Gaswinning onder de Waddenzee wordt stopgezet. Invasieve exoten, zoals de Amerikaanse rivierkreeft en Japanse duizendknoop, worden gericht aangepakt omdat ze een bedreiging vormen voor onze biodiversiteit. Om soorten in stand te houden, maken we natuurgebieden robuuster en stiller. Het Natuurnetwerk Nederland wordt voltooid met speciale aandacht voor bosaanplant, kruidenrijk grasland, houtwallen en moerassen. Boeren krijgen hierbij een duidelijke rol, ondersteund met passende vergoedingen voor het beheer. We maken meer werk van het beschermen van trek- en weidevogels, in het bijzonder onze nationale vogel: de grutto. De aanleg en beheer van infrastructuur wordt zoveel mogelijk natuurinclusief. Dit wordt een criterium in aanbestedingen."