Informatie over de tijdelijke wet en de Wiv

De regering moet de Kamer elke zes maanden informeren over de ervaringen met de tijdelijke wet en de herziening van de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wiv). Er is nu een onvolledig beeld van de werking van de tijdelijke wet, omdat belangrijke onderdelen nauwelijks worden gebruikt.

Motie van het lid Kathmann over de Kamer halfjaarlijks informeren over de ervaringen met de tijdelijke wet en de samenhang met de herziening van de Wiv

De kamer, overwegende dat belangrijke onderdelen van de tijdelijke wet in de praktijk nauwelijks zijn gebruikt en dat daardoor een onvolledig beeld van de werking van die wet bestaat; overwegende dat de diensten de werking van de tijdelijke wet in de praktijk monitoren en dat met de uitkomsten daarvan rekening gehouden gaat worden in het wetgevingsproces tot herziening van de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten; verzoekt de regering na overleg met de diensten en de toezichthouders de Kamer halfjaarlijks te informeren over de opgedane ervaringen met de tijdelijke wet en de samenhang daarvan met de herziening van de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten.
9 juni | GL-PvdA |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma VVD

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij wil de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten toekomstbestendig maken, zodat de diensten weerbaar blijven tegen dreigingen [1]. Om een wet effectief te herzien, is inzicht in de huidige werking en de opgedane ervaringen noodzakelijk. Daarnaast streeft de partij naar betere wetgeving en wil zij voorkomen dat wetgeving 'ondoordacht' verandert [2]. Het gebruik van praktijkervaringen uit de monitoring helpt om dit te voorkomen. Bovendien vindt de partij het belangrijk om bij bepaalde processen maximale openheid te hanteren [3], wat aansluit bij het verzoek om de Kamer te informeren.

Argumenten tegen: De partij wil minder regelzucht en streeft naar efficiëntere, simpelere en goedkopere wetgeving [2]. Het verzoek om de Kamer halfjaarlijks te informeren zou gezien kunnen worden als een extra regel of administratieve last die de efficiëntie niet ten goede komt.

Bronnen:

  1. "Toekomstbestendige inlichtingen- en veiligheidsdiensten: We moeten meer investeren in onze veiligheids- en inlichtingendiensten. Het is van belang dat onze diensten beschikken over voldoende wettelijke bevoegdheden. We maken de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten toekomstbestendig, zodat we weerbaar blijven tegen toekomstige en nu nog onbekende dreigingen. Er komt lichter toezicht voor operaties tegen buitenlandse dreigingen en voor het onderscheppen van militaire communicatie dan voor inlichtingenwerk waarbij onze eigen burgers in beeld zijn. Daarnaast verstevigen we de wettelijke grondslag waarmee inlichtingendiensten structureel informatie kunnen delen met private bedrijven en breiden we het personeelsbestand van de diensten fors uit."
  2. "Minder regelzucht, betere wetgeving: We zien nu te vaak dat de Tweede Kamer regel op regel stapelt, steeds om extra onderzoek vraagt en te vaak wetgeving ondoordacht verandert. Bij alle wetsbehandelingen kijken we hoe wetten efficiënter, simpeler en goedkoper kunnen worden. We maken meer tijd voor de behandeling van wetten en willen dat amendementen zoveel mogelijk voor aanvang van een debat worden ingediend en dat in het geval van ingrijpende amendementen er een week zit tussen het moment van indienen en de stemming over de amendementen. Bij ingrijpende amendementen moet het de standaard worden dat er een uitvoeringstoets wordt gedaan. Indien partijen de belastingen willen verhogen per amendement, moet altijd eerst in kaart worden gebracht wat het effect is voor het vestigingsklimaat en voor de koopkracht van werkende Nederlanders."
  3. "Transparantie en weerbaarheid tegen cyberdreiging versterken: We moeten onze inlichtingendiensten niet alleen fors uitbreiden en versterken, maar hen ook stimuleren om tactische inlichtingen vaker publiek te maken. Juist bij pogingen tot beïnvloeding van politici of verkiezingen moet maximale openheid het uitgangspunt zijn, zolang dit kan zonder de inlichtingenpositie te schaden. Dit sluit aan bij de eerdere publicatie van de MIVD over Chinese spionagesoftware, waarbij openheid hand in hand ging met versterking van onze cyberveiligheid."