De regering moet in gesprek gaan met hulporganisaties in de Palestijnse gebieden. De humanitaire situatie in Gaza is namelijk catastrofaal. Hulporganisaties hebben extra steun nodig om hun werk goed te kunnen doen en zoveel mogelijk hulp te bieden.
Motie van het lid Kröger over met hulporganisaties in de Palestijnse gebieden spreken over welke steun zij nodig hebben
De kamer,
constaterende dat het kabinet om aan wensen van de Kamer tegemoet te
komen 100 miljoen extra noodhulp vrijmaakt in 2026 voor «daar waar de
noden het hoogst zijn»;
constaterende dat hulporganisaties aangeven dat de noden in Gaza
gigantisch zijn en deze bijdrage dus onder andere daar zullen inzetten;
constaterende dat het Nederlandse kabinet in een verklaring van 8 juni
sprak over de «catastrofale humanitaire situatie» in Gaza en opriep tot
humanitaire toegang;
verzoekt de regering in gesprek te gaan met hulporganisaties actief in de
Palestijnse gebieden over welke steun zij verder nodig hebben om naar
behoren hun werk uit te voeren en die zo veel mogelijk te bieden.
Argumenten voor: De partij wil dat humanitaire hulpgoederen zo snel mogelijk en op grote schaal Gaza bereiken [1]. Daarnaast erkent de partij dat de huidige situatie zorgt voor onvoorstelbaar leed onder de Palestijnse burgerbevolking [3]. Ook stelt de partij dat aanvallen op hulpverleners een schending van het internationaal recht vormen [2], wat de noodzaak onderstreept om de inzet van hulporganisaties te ondersteunen en te beschermen.
Argumenten tegen: Er zijn in de tekst geen argumenten gevonden die tegen het verlenen van hulp of het faciliteren van hulporganisaties in de Palestijnse gebieden zijn.
Bronnen:
"Alle inspanningen moeten op de kortst mogelijke termijn gericht zijn op het op grote schaal doorlaten van humanitaire hulpgoederen, een definitief staakt-het-vuren in Gaza, en vrijlating van de Israëlische gijzelaars."
"De Nederlandse regering moet zich inspannen voor de handhaving van het internationaal recht. Doelgerichte aanvallen op burgers, journalisten en hulpverlenersvormen een grove schending van dit internationaal recht. Hierbij past grotere druk op Israël bijvoorbeeld door de handelsvoordelen uit het EU-Israël-associatieverdrag op te schorten, of sancties op personen. Dit gebeurt bij voorkeur via de economische en politieke kanalen van de EU. Blijft dat zonder resultaat, dan neemt de Nederlandse regering deze maatregelen samen met gelijkgestemde landen."
"De bescherming en waardigheid door het recht geldt voor zowel Israëli's als Palestijnen. Op 7 oktober 2023 pleegde Hamas een weerzinwekkende terreuraanslag. Israël heeft bestaansrecht, en het volste recht zich te verdedigen binnen internationaal erkende normen. De invulling van dat recht is echter verworden tot een offensief dat het internationale recht schendt en onvoorstelbaar leed veroorzaakt onder de Palestijnse burgerbevolking. Handhaving van het internationaal recht geldt ook hier. Het is juist in Israëls belang dat de staat niet verder afglijdt van waarden van democratie, rechtsorde en respect voor mensenrechten."