De regering moet met hulpverlenende organisaties onderzoeken hoe de 100 miljoen euro aan extra noodhulp voor Sudan in 2026 kan helpen bij seksueel geweld. In Sudan worden vrouwen namelijk op grote schaal slachtoffer van seksueel geweld dat als oorlogswapen wordt ingezet.
Motie van de leden Kröger en Bamenga over met hulporganisaties in Sudan bezien hoe slachtoffers van seksueel geweld geholpen kunnen worden
De kamer,
constaterende dat het kabinet om aan wensen van de Kamer tegemoet te
komen 100 miljoen extra noodhulp vrijmaakt in 2026;
constaterende dat vrouwen in Sudan op grote schaal te maken hebben
met seksueel geweld dat wordt ingezet als oorlogswapen;
verzoekt de regering om samen met professionele hulpverlenende
organisaties actief in Sudan te bezien hoe dit geld ingezet kan worden om
vrouwen te helpen die slachtoffer zijn geworden van seksueel geweld.
Argumenten voor: De partij vindt dat Nederland het voortouw moet nemen bij het verlenen van meer humanitaire hulp aan de mensen in Soedan [1]. Daarnaast pleit de partij voor extra bescherming van vrouwen in kwetsbare posities en wil zij dat geweld tegen vrouwen niet als een privéprobleem, maar als een maatschappelijk probleem wordt gezien [2].
Argumenten tegen: Er zijn geen fragmenten in het verkiezingsprogramma die als argument kunnen dienen om tegen de motie te stemmen.
Bronnen:
"De EU moet snel meer humanitaire hulp geven aan de mensen in Soedan en aan Soedanese vluchtelingen. Nederland neemt hierin het voortouw."
"Er moet extra bescherming zijn voor vrouwen in kwetsbare posities. Bijna de helft van de Nederlandse vrouwen heeft aangegeven na haar 15e levensjaar slachtoffer te zijn geworden van lichamelijk of seksueel geweld. Volt wil dat geweld tegen vrouwen niet gezien wordt als privéprobleem, maar als een maatschappelijk probleem en dat de overdracht van huiselijk geweld na één generatie stopt."