De regering moet een landelijk plan maken voor het beheer van bevers. De beverpopulatie in Nederland groeit hard. Dit zorgt voor schade aan huizen, wegen en waterkeringen (zoals dijken). De huidige regels beschermen de bever vooral. Hierdoor kan de overheid pas ingrijpen als de schade al is ontstaan. Een nieuw plan moet het mogelijk maken om eerder in te grijpen om schade te voorkomen.
Motie van het lid Den Hollander c.s. over een landelijk kader voor beverbeheer over het preventief ingrijpen bij risico’s voor waterveiligheid, woningveiligheid, waterkwaliteit en infrastructuur
De kamer,
constaterende dat de beverpopulatie in Nederland de afgelopen jaren
sterk is toegenomen en er in verschillende regio’s sprake is van schade
aan woningen, ondergrond, openbare ruimte, waterkeringen en infrastructuur als gevolg van beveractiviteiten;
constaterende dat beverdammen lokaal kunnen bijdragen aan veranderingen in waterstromen en in sommige gevallen kunnen leiden tot
verslechtering van waterkwaliteit stroomafwaarts van de dam;
overwegende dat de huidige regelgeving primair is ingericht op
bescherming van de bever, waardoor preventief en risicogericht ingrijpen
in de praktijk beperkt en versnipperd plaatsvindt, waardoor in veel
gevallen pas wordt ingegrepen nadat schade of onveilige situaties zijn
ontstaan;
overwegende dat een toekomstbestendig natuur- en faunabeleid een
expliciete en gebalanceerde afweging vereist tussen natuurbescherming,
waterveiligheid, bescherming van woningen, leefbaarheid en vitale
infrastructuur;
verzoekt de regering een landelijk kader voor beverbeheer uit te werken
waarin expliciet wordt vastgelegd onder welke voorwaarden preventief
ingrijpen mogelijk is bij aantoonbare risico’s voor waterveiligheid,
woningveiligheid, waterkwaliteit en infrastructuur;
verzoekt de regering daarbij praktijkervaringen uit onder meer Weert en
Nijmegen te betrekken als casuïstiek;
verzoekt de regering de Kamer voor 1 maart 2027 te informeren over de
benodigde aanpassingen in wet- en regelgeving om een risicogericht en
uitvoerbaar beheerregime te borgen,
kst-33576-504
ISSN 0921 - 7371
’s-Gravenhage 2026
Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 33 576, nr. 504
1.
Argumenten voor: De partij ziet waterbeheer als een fundamenteel onderdeel van de veiligheid en de leefomgeving [1] en beschouwt waterzekerheid als een fundamenteel recht [5]. Faunabeheer wordt door de partij expliciet genoemd als een middel voor schadepreventie [4]. Daarnaast pleit de partij voor een natuurbeleid dat een sociaaleconomische toets bevat [6] en voor het maken van maatwerk en uitzonderingen op natuurwetgeving (zoals de habitatrichtlijn) wanneer de veiligheid van inwoners of vee in het geding is [2]. Het doel van natuurbeleid is voor de partij niet enkel de uitbreiding van gebieden, maar ook de instandhouding en versterking van de natuur [3].
Argumenten tegen: Er zijn in het verkiezingsprogramma geen argumenten te vinden die het maken van afwegingen tussen natuurbescherming en de veiligheid van infrastructuur of woningen afwijzen.
Bronnen:
"Nederland is een waterland van terpen en wierden, een land waar waterschappen al acht eeuwen zorgen dat er kan worden gewoond en gewerkt. Dit qua oppervlakte kleine land, is groot geworden door een combinatie van nuchterheid, vakmanschap en aanpassingsvermogen. In een veranderend klimaat waarin weersextremen toenemen en de houdbaarheid van ons landschap onder druk staat, ziet BBB waterbeheer niet als sluitpost, maar als fundament voor onze veiligheid, voedselvoorziening en leefomgeving. Waterzekerheid is voor BBB een wezenlijk recht. Daarom kiezen we voor robuust en realistisch beleid: gericht op veiligheid, gezond water, samenwerking en toekomstbestendige keuzes, van de bron tot aan de monding. Zoals we kernachtig zeggen: droge voeten in natte tijden, natte voeten in droge tijden."
"Grenzen aan groei. Voor Nederland, een zeer dichtbevolkt land zijn de mogelijkheden voor wolven zeer beperkt. Hiervoor is maatwerk nodig en dient een uitzondering gemaakt te worden op de habitatrichtlijn zodat vee en inwoners beschermd zijn tegen aanvallen."
"Uitbreiding van natuur(gebieden) is niet langer een doel op zich. We moeten zorgen voor instandhouding en versterking waar dat nodig is."
"Jacht en faunabeheer. Zijn en blijven een belangrijke basis van goed beheer en onderhoud van onze natuur én schadepreventie én verkeersveiligheid. Daarom worden jagers zelf actief betrokken bij tellingen, beheerdoelen en beleid."
"Goed en veilig waterbeheer. Nederland is wereldwijd een gidsland voor goed waterbeheer. Waterzekerheid is een fundamenteel recht en een randvoorwaarde voor voedselzekerheid en economische stabiliteit."
"Nieuwe natuurdoelanalyse. Op basis van een evenwichtige op te stellen leidraad. Deze wordt opgesteld voor alle Natura 2000 gebieden. Niet alleen stikstof, ook droogte, water, bodem en beheer, worden hierbij als drukfactoren meegenomen. Deze vormen de basis voor nieuwe beheerplannen met een sociaaleconomische toets op de natuurherstel- en bronmaatregelen."