Overheid moet klant worden van GPT-NL

De regering moet als launching customer (de eerste grote klant) optreden voor GPT-NL. Dit versterkt de digitale zelfstandigheid van Europa en stimuleert kennis en innovatie.

Motie van de leden El Boujdaini en Kathmann over als launching customer optreden voor GPT-NL

De kamer, constaterende dat de overheid een grote afnemer van IT-producten en -diensten is; constaterende dat in het coalitieakkoord staat dat we als overheid vaker moeten optreden als launching customer voor innovatieve technologieën; overwegende dat meer IT-producten en -diensten afnemen van Nederlandse en Europese bedrijven bijdraagt aan meer digitale soevereiniteit en het versterken van de Europese interne markt, en bijdraagt aan kennis en innovatie; verzoekt de regering om als launching customer op te treden voor GPT-NL.
17 juni | D66 | Aangenomen: 140–9 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma PvdD

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij streeft ernaar dat de regie over essentiële AI-infrastructuur in publieke handen komt en wil dat er in Europees verband wordt geïnvesteerd in goede publieke AI-technologie om afhankelijkheid van buitenlandse commerciële partijen te voorkomen [1]. Daarnaast wil de partij dat de overheid zeggenschap krijgt over de AI-infrastructuur en het ontwerp van de technologie [2]. Ook wil de partij dat de overheid investeert in open-source, non-profit en Europese alternatieven, waarbij publieke sectoren juist moeten afstappen van Big Tech-diensten [3].

Argumenten tegen: Het programma bevat geen specifieke argumenten tegen het gebruik van de overheid als launching customer voor een (vermoedelijk) Europees AI-project; de partij pleit juist voor het stimuleren van Europese alternatieven [3][1].

Bronnen:

  1. "De regie over essentiële AI-infrastructuur komt in publieke handen. De overheid zorgt ervoor dat in Europees verband geïnvesteerd wordt in goede publieke AI-technologie, zodat er geen afhankelijkheid ontstaat van problematische regimes of buitenlandse commerciële partijen."
  2. "AI-systemen kunnen verschillende antwoorden geven, afhankelijk van wie de vraag stelt en hoe deze geformuleerd wordt. Dit brengt het risico van desinformatie en echokamers met zich mee. Daarom moet het voor gebruikers altijd duidelijk zijn dat AI-antwoorden onjuist kunnen zijn. Transparantie over onzekerheid is essentieel om misleiding en maatschappelijke schade te voorkomen. De overheid, nationaal én Europees, moet zeggenschap krijgen over zowel de AI-infrastructuur (zoals datacenters) als over het ontwerp en de regulering van de technologie zelf. Tegelijk willen we de kansen benutten die AI biedt voor het algemeen belang, zoals bij natuurherstel, dierenbescherming, duurzame zorg en wetenschappelijk onderzoek."
  3. "Vrije opensourceprojecten bieden veel kansen om kennis en informatie te delen. Door bijvoorbeeld technologische oplossingen te delen, kunnen andere landen, ondernemers en individuen bestaande kennis gebruiken om verder te ontwikkelen. De overheid gaat open standaarden, open-sourcesoftware en open hardware stimuleren en waar mogelijk gebruiken. Dit gebeurt sowieso in publieke sectoren: overheden, scholen en zorginstellingen stappen af van Big Tech-diensten. De overheid ontwikkelt een exitstrategie en investeert in open source, non-profit en Europese alternatieven."