De regering moet samen met tandartsen en zorgverzekeraars zorgen dat machtigingen (toestemming voor zorg) geen barrière vormen voor de mondzorg van kinderen. Verzekeraars hanteren nu verschillende eisen voor vergoedingen uit het basispakket. Dit zorgt voor ongelijke toegang tot zorg, vertragingen en zorgmijding.
Motie van de leden Jimmy Dijk en Dobbe over ervoor zorgen dat machtigingsvoorwaarden niet meer in de weg staan van het geven van noodzakelijke zorg aan kinderen
De kamer,
constaterende dat zorgverzekeraars verschillende machtigingseisen
hanteren voor mondzorg voor kinderen die uit het basispakket wordt
vergoed;
overwegende dat deze verschillen leiden tot ongelijke toegang tot
mondzorg, vertraging van noodzakelijke zorg, onzekerheid over
vergoeding en zelfs zorgmijding;
verzoekt de regering om er samen met tandartsen en zorgverzekeraars
voor te zorgen dat machtigingsvoorwaarden niet meer in de weg staan
van het geven van noodzakelijke zorg aan kinderen.
Argumenten voor: De partij wil dat het basispakket wordt uitgebreid met tandartszorg, zoals periodieke controles en het herstellen van gaatjes, om grotere gezondheidsproblemen te voorkomen [1]. Daarnaast heeft de partij de ambitie om regelingen eenvoudiger te maken [2] en bureaucratie te vermijden [3].
Argumenten tegen: Het programma bevat geen argumenten die pleiten voor het handhaven van machtigingsvoorwaarden of die de toegang tot tandartszorg voor kinderen zouden willen beperken.
Bronnen:
"De tandarts wordt door veel mensen gemeden in verband met de hoge kosten. Het basispakket wordt uitgebreid met periodieke controle en het herstellen van gaatjes bij de tandarts om te voorkomen dat kleine problemen uitgroeien tot grote gezondheidsproblemen."
"Het aantal mensen en kinderen dat in armoede leeft moet sterk omlaag. Voor een beter armoedebeleid is het advies van de Commissie Sociaal Minimum de leidraad. Het sociaal minimum moet voldoende zijn om van rond te kunnen komen. Periodiek wordt getoetst of het sociaal minimum nog voldoende is. Ook wordt het niet-gebruik van regelingen teruggedrongen (bijvoorbeeld via gegevensuitwisseling). De verschillen in armoederegelingen tussen gemeenten zijn nu te groot en een aantal verschillende regelingen te ingewikkeld. Dit moet eenvoudiger. Gemeenten moeten adequate financiële middelen hebben om goed, lokaal toegespitst armoedebeleid te voeren. De Rijksoverheid gaat weer werken met een doelstelling om de (kinder)armoede te verlagen in plaats van armoede niet te laten toenemen."
"Ieder kind, ongeacht thuissituatie, achtergrond of leerproblemen, heeft recht op goed onderwijs dat bijdraagt aan een brede ontwikkeling, met ondersteuning die aansluit bij zijn of haar mogelijkheden. De behoefte van het kind staat centraal. We blijven stappen zetten richting inclusiever onderwijs, waarbij alle kinderen zoveel mogelijk naar dezelfde school gaan. Voorwaarde is dat de scholen dit kunnen doen zonder bureaucratie en geschuif met budgetten. Er wordt gekeken naar wat een kind nodig heeft om tot leren te komen en niet naar labels en indicaties. Dit vraagt nauwe samenwerking tussen onderwijs, ouders, jeugdhulpverlening en zorg, met bijbehorende gecombineerde financieringsstromen. Schoolgebouwen dienen beter te worden ingericht op inclusief onderwijs. De overheid zorgt voor voldoende speciaal onderwijs (primair en voortgezet) in elke regio, inclusief volwaardig voortgezet speciaal onderwijs op havo- en vwo-niveau. In het primair onderwijs komt een landsdekkend passend onderwijsaanbod voor (hoog)begaafden met een extra ondersteuningsbehoefte om schooluitval in deze groep terug te dringen. Er wordt aandacht besteed aan soepele terugkeer en doorstroming naar regulier onderwijs, waarbij het leerrecht van kinderen even centraal staat als de leerplicht. Door in te zetten op later selecteren zal de overgang van PO naar VO soepeler verlopen en worden de kansen voor ieder kind eerlijker. Daarvoor kan nu al ingezet worden op brede en verlengde brugklassen."