Ondersteuning voor online jongerenwerk

De regering moet een landelijk leernetwerk oprichten voor online jongerenwerkers. Veel jongeren kopen namelijk illegale producten, zoals vapes, via Snapchat. Online jongerenwerkers zijn onmisbaar om dit soort problemen te voorkomen en te signaleren. De overheid moet ook onderzoeken hoe zij online jongerenwerk beter kan ondersteunen.

Motie van de leden Vliegenthart en Kathmann over een landelijk leernetwerk voor het delen van inzichten tussen jongerenwerkers en jongerenwerkorganisaties

De kamer, constaterende dat veel jongeren illegale goederen zoals vapes via Snapchat kopen; constaterende dat steeds meer jongerenwerkers zich online bevinden en zodanig waardevolle contacten leggen en onderhouden met jongeren, en daarmee een onmisbare preventieve en signalerende functie hebben; verzoekt de regering om in samenwerking met landelijke partijen in het jongerenwerk een landelijk leernetwerk op te tuigen waar waardevolle inzichten gedeeld kunnen worden tussen (online)jongerenwerkers en de jongerenwerkorganisaties, daarbij te bezien wat overheden kunnen doen om het onlinejongerenwerk beter te ondersteunen, en hierover in het voorjaar van 2027 de Kamer nader te informeren.
18 juni | onbekend | Aangenomen: 113–36 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma CU

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij wil investeren in nabije zorg en de sociale basis, waarbij jongerenwerkers een belangrijke rol spelen in de samenwerking tussen diverse maatschappelijke instanties [2][5]. Er is aandacht voor het voorkomen dat jongeren afglijden in criminaliteit en verslaving door middel van persoonlijke begeleiding [4]. Daarnaast wil de partij structureel investeren in (anonieme) online hulpverlening [3] en is er erkenning dat kinderen in een digitale wereld opgroeien waar bescherming en ondersteuning noodzakelijk zijn [1].

Argumenten tegen:

Bronnen:

  1. "Voor het eerst groeit een generatie grotendeels digitaal op. Naast de positieve kanten van de digitale wereld is dit een experiment met potentieel ontwrichtende gevolgen, voor kinderen én de samenleving als geheel. Kinderen hebben het recht veilig op te groeien, ook online. De overheid doet er veel aan om kinderen in de fysieke wereld tegen gevaar en ongezonde invloeden te beschermen. Dit terwijl kinderen in de digitale wereld aan grote techbedrijven worden overgeleverd. Het terugdringen van de negatieve invloed van smartphones en social media is een zaak van de hele samenleving. De verantwoordelijkheid hoe om te gaan met smartphones en sociale media ligt in eerste instantie bij ouders, maar met duidelijke wettelijke omkadering. Dat betekent dat sociale media niet toegankelijk mogen zijn voor kinderen jonger dan 14 jaar. Adequate leeftijdsverificatie is noodzakelijk voor sociale media, platformen met expliciete content (porno, geweld), goksites, kopen van alcohol, BNPL-diensten. Ook moet het mogelijk zijn voor 18-jarigen om op een toegankelijke manier hun gegevens permanent te kunnen wissen. Sociale mediabedrijven worden verplicht hun producten minder verslavend te maken. Smartphones worden geweerd uit scholen en ouder-initiatieven zoals 'Smartphonevrij opgroeien' gestimuleerd."
  2. "We investeren in nabije zorg die pedagogische relaties rond jeugd versterkt. Geen losse programma's, maar samenwerking tussen ouders, scholen, kerken en buurtorganisaties. Denk aan gezamenlijke opvoedgesprekken over thema's als social media en prestatiedruk en ondersteuning bij kinderen met onbegrepen gedrag. Kerken, scholen, lokale teams, opbouwwerkers en jongerenwerkers spelen daarin een belangrijke rol."
  3. "Het is onacceptabel dat minderjarige slachtoffers van seksuele uitbuiting de laatste jaren vrijwel volledig buiten beeld raken. Hierdoor blijven deze kinderen verstoken van hulp, terwijl mensenhandelaren en klanten vrij spel hebben. We investeren daarom structureel in (anonieme) online hulpverlening."
  4. "Als we niet willen dat Nederland afglijdt tot een narcostaat, moeten we drugs zonder uitzondering verbieden en zorgen voor een stevige strafrechtelijke aanpak van productie en handel. Daarvoor is het ook nodig dat we adequaat kunnen inspelen op het verbieden van nieuwe vormen van (synthetische) drugs. Ondermijnende drugscriminaliteit en criminele uitbuiting zijn nauw met elkaar verweven. We willen voorkomen dat jongeren afglijden in de criminaliteit en verslaving. Bewustwordingscampagnes op scholen, persoonlijke begeleiding, een passend zorgaanbod en steun bij het vinden en behouden van opleiding en werk zijn daarbij van groot belang. Hogere (maximum)straffen"
  5. "De hervormingsagenda, die samen met het veld is opgesteld en breed gesteund wordt, is leidend voor het verbeteren van de jeugdzorg. Dit betekent sterke lokale teams, die de ruimte hebben om lokale steunstructuren te versterken en zinloze zorg terug te dringen. Ook vraagt dit investeren in de sociale basis, samenwerking met het onderwijs en duidelijke keuzes welke behandelingen wel en niet onder de Jeugdwet vallen."