Nationale aanpak tegen moslimhaat

De regering moet een landelijke aanpak maken tegen moslimhaat en islamofobie (haat tegen moslims). Moskeeën en islamitische instellingen worden namelijk vaak bedreigd of vernield. Een goede strategie is nodig om dit te voorkomen en slachtoffers beter te beschermen.

Motie van het lid El Abassi over het opstellen van een nationale strategie tegen moslimhaat en islamofobie

De kamer, constaterende dat moskeeën en islamitische instellingen regelmatig doelwit zijn van bedreigingen, vernielingen en andere vormen van haatcriminaliteit; overwegende dat een samenhangende aanpak noodzakelijk is om moslimhaat effectief te bestrijden; verzoekt de regering een nationale strategie tegen moslimhaat en islamofobie op te stellen, met aandacht voor preventie, monitoring, bescherming en slachtofferondersteuning.
23 juni | DENK | Verworpen: 56–94 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma CDA

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij wil hard optreden tegen elke vorm van discriminatie en stereotypering, waarbij moslims specifiek worden genoemd [1]. Daarnaast erkent de partij de maatschappelijke waarde van moskeeën en geloofsgemeenschappen, die blijvende erkenning en ruimte verdienen [2]. Ook spreekt de partij zich uit voor het beschermen van de godsdienstvrijheid [3].

Argumenten tegen: Het programma biedt geen directe argumenten om tegen een strategie tegen moslimhaat en islamofobie te stemmen.

Bronnen:

  1. "We treden hard op tegen elke vorm van discriminatie en stereotypering, onder meer van moslims. We zetten in op een stevige aanpak van discriminatie, zoals leeftijdsdiscriminatie van ouderen, migrantenkinderen die geen stageplaats kunnen krijgen, of discriminatie op basis van gender, religie, seksuele geaardheid of achternaam."
  2. "Kerken, moskeeën en andere geloofsgemeenschappen vormen voor velen een bron van zingeving, verbondenheid en zorg voor elkaar. Deze maatschappelijke waarde verdient blijvend erkenning en ruimte."
  3. "Onze rechtsorde staat onder druk wanneer buitenlandse mogendheden via geldstromen, onderwijs en social media invloed proberen uit te oefenen op de meningsvorming en op religieuze en maatschappelijke organisaties in Nederland. Dit heeft gevolgen voor de rechtsstaat, voor de integratie van nieuwkomers, voor nieuwe generaties en voor het vertrouwen tussen burgers, en kan deze organisaties onder druk zetten. We staan pal voor godsdienstvrijheid, we geloven in de kracht van saamhorigheid, maar keuren het af als die vrijheid wordt misbruikt om haat, verdeeldheid of parallelle samenlevingen te bevorderen."