Voorbereiding EU-toetreding Oekraïne

De regering moet in de Europese Unie (EU) inzetten op een vroege voorbereiding van een toetredingsverdrag voor Oekraïne. Het is voor de veiligheid en de economie van Europa heel belangrijk dat Oekraïne bij de EU komt. Omdat het maken van zo'n verdrag heel lang duurt, moet de voorbereiding alvast worden gestart.

Motie van de leden Van der Werf en Klos over zich ervoor inzetten dat wordt begonnen met de voorbereiding en opstelling van een toekomstig EU-toetredingsverdrag met Oekraïne

De kamer, constaterende dat een duurzame verankering van Oekraïne in de Europese Unie van groot strategisch, economisch en veiligheidsbelang is voor Europa; constaterende dat het opstellen en ratificeren van EU-toetredingsverdragen een langdurig proces is dat aanzienlijke voorbereiding vergt; verzoekt de regering zich er binnen de Europese Unie voor in te zetten dat tijdig, vooruitlopend op een eventuele toetreding van Oekraïne, wordt begonnen met de voorbereiding en opstelling van een toekomstig EU-toetredingsverdrag.
2 juli | D66 | Aangenomen: 91–59 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma GL-PvdA

Stemverwachting: voor (erg zeker, 95%)

Argumenten voor: De partij stelt dat de toekomst van Oekraïne in de EU ligt [1] en wil de hulp bieden die nodig is om Oekraïne in aanmerking te laten komen voor EU-lidmaatschap [2]. Daarnaast staat de partij positief tegenover de mogelijkheid dat kandidaatlidstaten gefaseerd toetreden [1]. Er wordt in het programma ook al gesproken over het integreren van Oekraïne via een Veiligheidspact nog vóór een eventueel EU-lidmaatschap [3].

Argumenten tegen:

Bronnen:

  1. "EU-uitbreiding. De toekomst van Oekraïne en Moldavië ligt in de EU. De landen op de Westelijke Balkan moeten een realistisch uitzicht hebben op lidmaatschap. Onderhandelingen met het Turkije van Erdogan blijven bevroren. Kandidaatlidstaten moeten voor toetreding voldoen aan de gebruikelijke voorwaarden, in het bijzonder op het gebied van mensenrechten, democratie en rechtsstaat, en het Europese buitenlandbeleid. We helpen kandidaat-lidstaten daaraan te voldoen via een sterker EU-Nabuurschapsbeleid en met nationale middelen zoals het MATRA-fonds. We staan positief tegenover de mogelijkheid dat kandidaatlidstaten gefaseerd toetreden. Kandidaat-lidstaten die een stap terugzetten in de bescherming van democratie, rechtsstaat, mensenrechten en buitenlandbeleid, zoals Servië en Georgië, moeten daarvan de consequenties ondervinden."
  2. "Steun aan Oekraïne. Nederland moet een leidende rol spelen in de militaire, financiële en humanitaire steun aan Oekraïne. We leggen deze steun voor de gehele kabinetsperiode vast. We bieden Oekraïne de hulp die nodig is om in aanmerking te komen voor EU-lidmaatschap. Het NAVO-lidmaatschap is de beste veiligheidsgarantie die we Oekraïne tegen Russische agressie kunnen bieden."
  3. "Europese defensiesamenwerking. Defensie moet een gedeelde EUcompetentie worden; besluiten over inzet van de krijgsmacht blijven echter een nationale bevoegdheid. Integratie van de krijgsmachten zetten we voort. We bouwen een onafhankelijke Europese defensie-industrie via de gezamenlijke ontwikkeling en inkoop van wapensystemen, diensten en infrastructuur. We beschermen onszelf en onze infrastructuur tegen cyberaanvallen, desinformatie, spionage en sabotage. We bouwen onze afhankelijkheid van de VS af en plaatsen geen orders meer bij de Israëlische defensie-industrie. Vooruitlopend op toekomstig EU-lidmaatschap kan de EU Oekraïne al integreren via een Veiligheidspact op het gebied van veiligheid en defensie."