Pilot voor nieuwe onbemande gevechtsvliegtuigen

De regering moet een pilotproject starten voor de ontwikkeling van een prototype collaborative combat aircraft (onbemande gevechtsvliegtuigen die samenwerken met bemande toestellen). Onbemande systemen zijn cruciaal voor de slagvaardigheid van Defensie. De Nederlandse industrie heeft de nodige technologie en kennis al grotendeels in huis.

Motie van het lid Jagtenberg c.s. over een pilotproject gericht op de ontwikkeling van een prototype collaborative combat aircraft

De kamer, constaterende dat, om in de toekomst slagvaardig te blijven, onbemenste systemen zoals collaborative combat aircraft cruciaal zijn voor Defensie en dat experts een mix aan systemen adviseren; constaterende dat de Nederlandse defensie technologische en industriële basis, NLDTIB, reeds over een groot deel van de benodigde technologieën, kennis en capaciteiten beschikt om een dergelijk systeem te ontwikkelen; overwegende dat voor de continuïteit van kennisopbouw nieuwe initiatieven complementair moeten zijn aan reeds lopende initiatieven; overwegende dat een succesvolle demonstratie- of prototypefase moet kunnen leiden tot verdere ontwikkeling en opschaling richting operationele inzet; verzoekt de regering om, in samenwerking met de Nederlandse industrie, kennisinstellingen en Defensie, een pilotproject op te zetten gericht op de ontwikkeling van een prototype collaborative combat aircraft.
2 juli | D66, CDA, SGP, Volt, VVD | Aangenomen: 144–6 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma BBB

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij wil de slagkracht van de krijgsmacht vergroten door technologie en onbemande systemen in te zetten, waarbij technologie de menselijke inzet bij het vechten zoveel mogelijk overneemt [2]. Er is een sterke focus op het versterken van de Nederlandse defensie-industrie en het vergroten van de strategische autonomie [1][3]. De partij wil investeren in sectoren met zowel civiele als militaire toepassingen om de economische en defensieve slagkracht te versterken [3]. Daarnaast streeft de partij naar snelle en effectieve innovatie binnen de defensiesector en de bijbehorende industrie om de efficiëntie te verhogen en manschappen te beschermen [4], waarbij zij wil dat een groot deel van de defensie-uitgaven bij de Nederlandse industrie terechtkomt [5].

Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma bevat geen argumenten die tegen de ontwikkeling van onbemande systemen of de versterking van de Nederlandse defensie-industrie zijn.

Bronnen:

  1. "Versterking van de Nederlandse defensie-industrie en strategische autonomie;"
  2. "Tweede tankbataljon. Nederland zal overgaan op aanschaf van een tweede tankbataljon diep geïntegreerd met onbemande systemen, wezenlijk voor de slagkracht van onze landmacht en onze bijdrage aan de NAVO. We laten technologie zoveel mogelijk van het vechten doen."
  3. "BBB vindt dat Nederland moet blijven maken en bouwen. De industrie is onmisbaar voor de voedselproductie, woningbouw, energietransitie, defensie, maritieme slagkracht en de regionale economie. Zonder sterke industrie géén strategische autonomie, geen fatsoenlijke werkgelegenheid en geen duurzame toekomst. We vinden het belangrijk om te investeren in sectoren met zowel civiele als militaire toepassingen om zowel de economische als defensieve slagkracht te versterken."
  4. "Behalve in Defensie gaan we stap voor stap verantwoord toegroeien naar investeringen die in breed verband bijdragen aan onze veiligheid en weerbaarheid. Deze bredere uitgaven versterken de nationale veerkracht, wat zich uitbetaalt in voordelen voor zowel de krijgsmacht en de economie als de samenleving als geheel. We kiezen ervoor om technologie in te zetten om de efficiëntie van de krijgsmacht te vergroten en onze manschappen zo min mogelijk in gevaar te brengen. We zullen procesmatige barrières en bureaucratie wegnemen om snelle en effectieve innovatie binnen Defensie en de bijbehorende industrie te garanderen. Minder beleid en meer uitvoering."
  5. "Investeren in eigen industrie. Een Wet Strategische Defensieproductie (WSDP), waarin we vastleggen dat minimaal 50 procent van de Defensiematerieel-uitgaven uiteindelijk in Nederland moet landen. Die bestedingen worden niet willekeurig verdeeld, maar doelgericht: opdrachten worden expliciet ook gegund aan bedrijven in regio's buiten de Randstad. Als we buitenlands aanbesteden, onderhandelen we maximale participatie voor Nederlandse bedrijven in de productie en het onderhoud van materieel."