De regering moet samen met gemeenten, het UWV en de SVB onderzoeken hoe informele partijen, zoals voedselbanken, mensen kunnen bereiken. Veel mensen met financiële zorgen hebben wel recht op inkomenssteun, maar vinden de weg naar de overheid niet. Dit moet gebeuren tijdens de uitvoering van de Wet proactieve dienstverlening SZW.
Motie van de leden Hamstra en Bolhuis over bij de verdere uitwerking van de Wet proactieve dienstverlening SZW structureel de mogelijke betrokkenheid van informele partijen onderzoeken en stimuleren
De kamer,
constaterende dat een aanzienlijk deel van de mensen die in aanmerking
komen voor inkomensondersteuning of voorzieningen, deze niet of niet
tijdig benutten;
constaterende dat informele organisaties zoals voedselbanken, het
Armoedefonds, SchuldHulpMaatje en lokale armoede- en vrijwilligersorganisaties dagelijks contact hebben met mensen die te maken hebben
met financiële onzekerheid;
constaterende dat deze organisaties daardoor een belangrijke signalerende en verbindende rol kunnen vervullen bij het bereiken van mensen
die de weg naar de overheid niet vanzelf weten te vinden;
overwegende dat proactieve dienstverlening niet alleen vraagt om het
identificeren van mensen die mogelijk recht hebben op ondersteuning,
maar ook om laagdrempelige begeleiding bij het daadwerkelijk benutten
van die ondersteuning;
overwegende dat de inzet van informele partijen de publieke verantwoordelijkheid voor inkomensondersteuning niet mag vervangen, maar deze
juist kan versterken;
verzoekt de regering om, bij de verdere uitwerking en implementatie van
de Wet proactieve dienstverlening SZW, samen met gemeenten, UWV en
SVB structureel te onderzoeken hoe informele partijen, waaronder
voedselbanken, het Armoedefonds en SchuldHulpMaatje, kunnen worden
betrokken bij:
– het signaleren van mogelijk niet-gebruik van inkomensondersteuning
en voorzieningen;
kst-36799-33
ISSN 0921 - 7371
’s-Gravenhage 2026
Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 799, nr. 33
1
–
het laagdrempelig informeren van inwoners over hun mogelijke
rechten;
– het bieden van ondersteuning bij het inzetten van de stap naar formele
dienstverlening;
– het realiseren van een warme overdracht naar gemeente, UWV of SVB
waar dat passend en met toestemming van de betrokkene gebeurt,
– verzoekt de regering dit te stimuleren;
verzoekt de regering tevens de Kamer hierover te informeren.
Argumenten voor: De partij ziet bestaanszekerheid als een grondrecht en vindt dat het sociale vangnet moet beschermen, ondersteunen en motiveren, en mensen niet mag uitsluiten of straffen [1].
Argumenten tegen: Het programma biedt geen argumenten tegen de inzet van informele partijen bij de dienstverlening.
Bronnen:
"Bestaanszekerheid is een grondrecht en geen gunst. Ons sociaal vangnet hoort veiligheid te bieden, waardigheid en eerlijkheid. Veel 50-plussers dreigen nu nog tussen wal en schip te raken: te jong voor AOW, te oud voor nieuw werk. 50PLUS wil een sociaal stelsel dat beschermt, ondersteunt en motiveert en niet uitsluit of straft, zoals nu nog vaak het geval is. 50-plussers zijn, net als jongeren, vakmensen, doorzetters, kennisdragers en in hun vrije tijd daarnaast ook mantelzorgers en vrijwilligers."