Vervolging Nederlanders bij misdrijven in Gaza

De regering moet het Openbaar Ministerie laten onderzoeken of Nederlanders betrokken zijn bij oorlogsmisdrijven in Gaza en de bezette Palestijnse gebieden. Mensen die verdacht worden van internationale misdrijven mogen niet straffeloos blijven.

Motie van het lid El Abassi over bevorderen dat signalen over betrokkenheid van Nederlanders bij oorlogsmisdrijven in Gaza en de bezette Palestijnse gebieden actief worden verzameld en beoordeeld door het Openbaar Ministerie

De kamer, constaterende dat rapportages, openbare berichtgeving en beelden op sociale media ernstige aanwijzingen bevatten voor oorlogsmisdrijven, seksueel geweld, marteling en andere schendingen van het internationaal recht tegen Palestijnen; constaterende dat Nederlanders zich hebben aangesloten bij of steun hebben verleend aan de Israëlische strijdkrachten; overwegende dat Nederlanders die redelijkerwijs verdacht worden van betrokkenheid bij internationale misdrijven niet straffeloos mogen blijven; verzoekt de regering te bevorderen dat signalen over betrokkenheid van Nederlanders bij oorlogsmisdrijven en andere internationale misdrijven in Gaza en de bezette Palestijnse gebieden actief worden verzameld en beoordeeld door het Openbaar Ministerie, met het oog op strafrechtelijke vervolging.
8 september | DENK | Verworpen: 56–94 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma SP

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij streeft naar een buitenlands beleid dat gebaseerd is op vrede, gelijkwaardigheid en solidariteit, met een sterke focus op respect voor de rechten van mensen en volken [2]. Daarnaast weigert de partij wapens te verkopen aan landen waar mensenrechten worden geschonden [1].

Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma bevat geen informatie die de actieve beoordeling van internationale misdrijven door het Openbaar Ministerie tegenhoudt.

Bronnen:

  1. "Wapens zijn geen handelswaar. We verkopen geen wapens aan landen waar mensenrechten worden geschonden. De zeggenschap over wapenexport moet in democratische handen blijven. We stappen dus niet in het wapenexportverdrag met Frankrijk, Duitsland en Spanje, die de voorwaarden voor wapenhandel versoepelen. We kunnen geen gemeenschappelijk wapenexportbeleid voeren met landen die verboden wapens produceren of verhandelen."
  2. "De wereldorde van vandaag is gebouwd op macht en rijkdom voor enkelen, terwijl miljarden mensen achterblijven. Wij kiezen voor een andere weg: een buitenlandbeleid dat draait om vrede, gelijkwaardigheid en solidariteit. We zetten in op respect voor de rechten van mensen en volken, gelijkwaardigheid in het economisch systeem en samenwerking op ontwikkelingsgebied."