Minimumleeftijd voor klanten van prostitutie

De regering moet onderzoeken of klanten van prostitutie een minimumleeftijd van 18 of 21 jaar moeten krijgen. Nu mogen klanten vanaf 16 jaar gebruikmaken van de diensten van sekswerkers, terwijl sekswerkers straks minimaal 21 jaar moeten zijn. Dit verschil zorgt voor ongelijkheid en vergroot het risico op uitbuiting en misstanden.

Motie van de leden Boomsma en Bikker over ook voor klanten van prostitutie een wettelijke minimumleeftijd van in ieder geval 18 jaar vaststellen

De kamer, constaterende dat al zeer geruime tijd het voornemen bestaat om de minimumleeftijd voor sekswerkers te verhogen naar 21 jaar, gezien het risico op dwang en uitbuiting en de verhoogde kwetsbaarheid op jonge leeftijd; constaterende dat de Minister heeft aangegeven dat klanten vanaf 16 jaar wettelijk gebruik mogen maken van de diensten van een prostituee terwijl die zelf straks minimaal 21 jaar moet zijn; overwegende dat deze discrepantie een vorm van ongelijkheid en disbalans behelst, en het zeer onwenselijk is dat minderjarigen hieraan deelnemen, zeker ook gezien de vele misstanden in deze sector; verzoekt de regering te inventariseren hoe ook voor klanten van prostitutie wettelijk een minimumleeftijd van in ieder geval 18 jaar en zo mogelijk 21 jaar kan worden vastgesteld, en daartoe een voorstel voor te leggen aan de Kamer.
8 september | JA21, CU | Verworpen: 71–79 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma GL-PvdA

Stemverwachting: voor (onzeker, 65%)

Argumenten voor: De partij wil de rechtspositie en veiligheid van sekswerkers versterken [1]. Daarnaast streeft de partij naar het aanpakken van misstanden en heeft zij aandacht voor zedenwetgeving [2].

Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma bevat geen specifieke standpunten over de minimumleeftijd voor klanten van prostitutie.

Bronnen:

  1. "Rechtsbescherming voor alle werkenden. We willen een volledige decriminalisering van sekswerk en versterken de rechtspositie en veiligheid van sekswerkers. Sekswerkers krijgen dezelfde rechten en vrijheden als andere werknemers en zelfstandigen in de dienstverlenende sector."
  2. "Structurele Aanpak seksuele intimidatie en geweld tegen vrouwen . Geweld tegen vrouwen is een probleem van de hele samenleving. We verbinden de aanpak tegen femicide en huiselijk geweld aan de voortzetting van het Nationaal Actieprogramma tegen seksuele intimidatie en seksueel geweld. Want er liggen dezelfde ingesleten rolpatronen aan ten grondslag. Een regeringscommissaris draagt zorg voor afstemming, begeleidt veranderingstrajecten en jaagt de noodzakelijke cultuurverandering na. We versterken hulpverlening, pakken misstanden aan en hebben aandacht voor zedenwetgeving, zie hoofdstuk 'Justitie en Veiligheid'."