De regering moet de wetgeving voor de privatisering van de Nederlandse Loterij tegelijkertijd uitvoeren. Zo wordt voorkomen dat het proces vertraagt door de betrokken ministeries van Financiën en Justitie en Veiligheid.
Motie van de leden Ceulemans en Hoogeveen over gelijktijdig uitvoeren van het wetgevingstraject bij Financiën en JenV omtrent mogelijke privatisering van de Nederlandse Loterij
Tweede Kamer der Staten-Generaal
2
Vergaderjaar 2026–2027
28 165
Deelnemingenbeleid rijksoverheid
Nr. 482
MOTIE VAN DE LEDEN CEULEMANS EN HOOGEVEEN
Voorgesteld 22 september 2026
De Kamer,
constaterende dat het kabinet een nadere verkenning uitvoert naar een
mogelijke privatisering van de Nederlandse Loterij;
overwegende dat hiervoor wetgeving bij zowel Financiën als Justitie en
Veiligheid nodig is en volgtijdelijke behandeling tot vertraging kan leiden;
verzoekt de regering deze trajecten gelijktijdig uit te voeren zodat
onnodige vertraging wordt voorkomen.
Argumenten voor: De partij wil dat de overheid vaker snel van start gaat in plaats van eindeloos te vergaderen over beleid [2]. Daarnaast streeft de partij naar een overheid die grote uitdagingen van de tijd durft aan te pakken [1].
Argumenten tegen: Er zijn geen fragmenten in het programma die een standpunt innemen over de gelijktijdigheid van wetgevingstrajecten of het voorkomen van vertraging in dit specifieke proces.
Bronnen:
"Nederland verdient een overheid die niet alleen belooft, maar levert. Een overheid die die grote uitdagingen van onze tijd durft aan te pakken - van wonen en klimaat tot onderwijs en veiligheid. Én die de menselijke maat in het oog houdt. Dat betekent dat we eerlijk zijn over de kosten van onze ambities en duidelijk maken hoe we hiervoor betalen."
"In plaats van eindeloos vergaderen over beleid, gaan we vaker snel van start en sturen we bij waar nodig. We laten ruimte voor medeoverheden en uitvoeringsorganisaties om zelf met oplossingen te komen, binnen de doelen en kaders die het Rijk daarvoor stelt."