Studieschuld en hypotheekruimte

De regering moet Nibud en de AFM laten onderzoeken of de maandelijkse aflossing aan DUO (de instantie voor studieschulden) wordt meegewogen bij de berekening van hypotheken. Nu kijken banken naar het volledige bedrag dat je moet betalen, ook als je door een laag inkomen minder betaalt. Hierdoor hebben oud-studenten minder ruimte om een huis te kopen.

Motie van het lid Boomsma over meer rekening houden met het daadwerkelijk door DUO vastgestelde maandbedrag bij SF35-schulden

De kamer, constaterende dat bij studieschulden onder het SF35-regime de oplossing afhankelijk is van de draagkracht, en een eventuele restschuld na afloop van de aflosperiode wordt kwijtgescholden; constaterende dat hypotheekverstrekkers op grond van artikel 3a van de Tijdelijke regeling hypothecair krediet rekening houden met het berekende reguliere termijnbedrag voor rente en aflossing, ook wanneer DUO wegens beperkte draagkracht daadwerkelijk een lager bedrag int; overwegende dat dit verschil de hypotheekruimte van oud-studenten kan beperken, terwijl bij het opstellen van de hypotheeknormen ook moet worden voorkomen dat huishoudens een hypotheek aangaan waarvan de lasten later niet betaalbaar blijken; overwegende dat bij de invoering van het studievoorschot in 2015 is gesuggereerd dat een studieschuld niet de toegang tot een hypotheek moet frustreren en dat de weging in de hypotheeknormen bij ministeriële regeling kan worden aangepast, zonder beslag op de rijksbegroting; verzoekt de regering het Nibud in overleg met de AFM voor de hypotheeknormen van 2027 te laten onderzoeken of en onder welke waarborgen voor SF35-schulden meer rekening kan worden gehouden met het daadwerkelijk door DUO vastgestelde maandbedrag, en daarbij ten minste varianten te bekijken met een minimumbedrag voor mee te wegen lasten en een beperkte bruteringsopslag, ook rekening houdend met de mogelijkheid dat het DUO-maandbedrag later weer stijgt; verzoekt de regering de Kamer vóór 1 maart 2027 te informeren over de uitkomsten, de gevolgen voor de leenruimte en het risico op overkredi- kst-36922-19 ISSN 0921 - 7371 ’s-Gravenhage 2026 Tweede Kamer, vergaderjaar 2026–2027, 36 922, nr. 19 1 tering en aan te geven welke variant ze in de Tijdelijke regeling hypothecair krediet wil opnemen.
23 september | JA21 |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma Volt

Stemverwachting: voor (erg zeker, 95%)

Argumenten voor: De partij wil dat de maandelijkse aflossing van een studieschuld geen impact heeft op het maximale leenbedrag van starters op de woningmarkt [1]. Daarnaast zetten zij zich in om de financiële druk op de 'pechgeneratie' te verlichten [2][4] en streven zij naar een eerlijke woningmarkt waarin studenten weer een kans krijgen [3][5].

Argumenten tegen: Het programma bevat geen argumenten die tegen de motie ingaan.

Bronnen:

  1. "De staat moet garant staan voor de studieschuld bij de aanvraag van een hypotheek. Het maandelijks aflossen van een studieschuld mag geen impact hebben op het maximale leenbedrag van een starter op de woningmarkt."
  2. "We maken ons hard voor een rechtvaardige compensatie van de pechgeneratie door de rente op hun studieschuld terug te brengen naar 0% en zo de financiële druk op die jongeren te verlichten."
  3. "Wij zorgen voor een stabiele en eerlijke woningmarkt, waarin starters, studenten en mensen met een middeninkomen weer een kans krijgen."
  4. "We maken studeren voor iedereen mogelijk. Studenten krijgen weer zekerheid en ruimte om zich te ontwikkelen. We verhogen de basisbeurs, zorgen voor een verplichte stagevergoeding en zetten ons in voor compensatie van de pechgeneratie. Daarnaast maken we opleidingen in sectoren met grote tekorten beter toegankelijk."
  5. "Zo brengen we de woningmarkt stap voor stap in balans en geven we iedereen - van starter tot gezin weer een eerlijke kans op een (t)huis."