De regering moet de bedrijfsopvolingsregeling (de belastingvrijstelling bij de overdracht van een bedrijf) behouden voor echte familiebedrijven. Nu is er namelijk kans dat strengere regels leiden tot gedwongen verkoop of ontslagen.
Motie van het lid Al Biyati over de vrijstelling voor reële bedrijfsoverdracht binnen families niet verder beperken
De kamer,
constaterende dat het kabinet onderzoek doet naar verdere aanscherping
van de bedrijfsopvolgingsregeling;
overwegende dat familiebedrijven hierdoor bij bedrijfsoverdracht onnodig
kunnen worden geraakt met risico op gedwongen verkoop of ontslagen;
verzoekt de regering bij uitwerking van deze maatregelen de vrijstelling
voor reële bedrijfsoverdracht binnen families te ontzien en deze niet
verder te beperken.
Argumenten voor: De partij hecht grote waarde aan de rol van familiebedrijven binnen de lokale samenleving [2][1]. Bovendien stelt de partij dat een goede, doeltreffende en doelmatige bedrijfsopvolgingsregeling (BOR) essentieel is om dit deel van de economie te laten floreren [1].
Argumenten tegen: De partij streeft naar een belastingstelsel waarbij vermogen en inkomen uit arbeid meer gelijkwaardig belast worden, en wil vormen van vermogen die momenteel nauwelijks belast worden, beter in de heffingen betrekken [3].
Bronnen:
"Familiebedrijven zijn vaak geworteld in de (lokale) samenleving. De ChristenUnie waardeert die rol van familiebedrijven, en steunt initiatieven die bijdragen aan het floreren van dit deel van de economie. Een goede, doeltreffende en doelmatige bedrijfsopvolgingsregeling (BOR) maakt daar deel van uit. Onevenwichtigheden in de fiscale behandeling van vreemd vermogen ten opzichte van eigen vermogen reduceren we waar mogelijk."
"We koesteren de rol van familiebedrijven, die vaak geworteld zijn in lokale gemeenschappen. Deze focus op welvaart in de brede zin van het woord draagt bij aan het bloeien van maatschappij, mens en milieu, ook op de lange termijn. Een Rentmeesterseconomie van genoeg, waarin vakmanschap en mooie, duurzame, repareerbare producten centraal staan. We zetten in op de nieuwe economie via innovatie en nemen afscheid van het consumentisme dat de grenzen van de schepping niet respecteert. We willen een einde aan de overconsumptie van goedkope prullaria die horen bij een wegwerpeconomie. De overheid reduceert de regeldruk en wordt een stabiele en betrouwbare partner voor bedrijven. Het uitblijven van (snelle) vergunningverlening, een gebrek aan netcapaciteit en veel regeldruk staan een goed ondernemersklimaat in de weg. Deze obstakels worden met vaart aangepakt, zie hiervoor hoofdstuk 2 'Nederland van het slot'."
"In het huidige belastingstelsel wordt inkomen uit arbeid relatief zwaar belast. We willen toe naar een belastingstelsel dat inkomen uit arbeid en de daadwerkelijke inkomsten uit vermogen zoveel als mogelijk op dezelfde manier belast. De hoge lastendruk op arbeid verlagen we flink. Daartegenover staat dat we verschillende vormen van vermogen die nu niet of nauwelijks belast worden, beter in de heffingen betrekken. De hypotheekrenteaftrek schaffen we geleidelijk af. In het licht van de grote investeringen die nodig zijn in defensie, vragen we van de grootste vermogens een extra bijdrage met een vermogensbelasting van 1% op vermogens boven de 1 miljoen euro. Vermogenscomponenten waarbij een dergelijke heffing niet geëigend is, zoals financieel laagrenderende activa met een hoog maatschappelijk rendement, worden in de vormgeving ontzien. We verlagen de huidige belasting in box 3, met name voor vastgoed."