De regering moet binnen het Nationaal Programma Industrie en Innovatie een concrete aanpak ontwikkelen om defensie-innovaties sneller in gebruik te nemen. Nu komen nieuwe oplossingen namelijk te langzaam van de ontwikkeling naar de praktijk, omdat de keten voor innovaties nog niet volledig is.
Motie van het lid Jagtenberg over de implementatie van defensie-innovaties in Nederland structureel mogelijk maken
De kamer,
constaterende dat de Nederlandse innovatieketen voor
defensie-innovaties nog niet sluitend is en dat innovatieve oplossingen
daardoor onvoldoende snel van ontwikkeling naar daadwerkelijke
toepassing binnen Defensie komen;
overwegende dat de innovatieketen onder andere bestaat uit onderwijs,
onderzoek, ontwikkeling, verificatie, validatie, certificatie en
implementatie;
verzoekt de regering om binnen het Nationaal Programma Industrie en
Innovatie een concrete aanpak uit te werken om de mogelijkheden voor
implementatie van defensie-innovaties in Nederland structureel mogelijk
te maken.
Argumenten voor: De partij streeft naar een sterkere en modernere krijgsmacht [2], waarbij zij expliciet inzetten op innovatie [2]. Zij willen een onafhankelijke, moderne defensie-industrie [3] en een verantwoord investeringsplan waarbij vooraf duidelijk is waarin wordt geïnvesteerd [4]. Daarnaast steunen zij breed investeringen in onderzoek en innovatie [1][5].
Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma biedt geen argumenten om tegen de motie te stemmen.
Bronnen:
"Investeren in onderzoek en innovatie met nationale technologiestrategie. De overheid gaat actief mee-investeren in baanbrekende innovaties: van fundamenteel en praktijkgericht onderzoek op universiteiten en hogescholen tot commerciële toepassing in innovatieve bedrijven."
"Investeren in defensie. We committeren ons aan het verhogen van het defensiebudget naar 3,5% van het bbp vanwege de Russische agressie en de noodzaak om ons onafhankelijker te maken van de Verenigde Staten. De krijgsmacht wordt sterker, groter en moderner, met meer gevechtskracht op land, betere luchtverdediging en sterke maritieme en logistieke capaciteiten. We zetten in op innovatie, bijvoorbeeld op het gebied van drones. Hiermee schrikken we Russische agressie af, voldoen we aan onze NAVO-doelstellingen en kunnen we ons land beter beschermen."
"Veiligheid vereist publieke sturing. Onze veiligheid is te belangrijk om alleen aan de markt over te laten. We investeren in een onafhankelijkere, moderne defensie-industrie in samenwerking met Europese partners met wie we gezamenlijk inkopen en ontwikkelen. We specialiseren in onze sterke sectoren. Voor Nederland betekent dit investeringen in maritieme en logistieke capaciteiten en de drone-, sensor-, cyber- en ruimtevaarttechnologie. Strategisch relevante defensiebedrijven komen deels in publieke handen via staatsdeelnemingen. We gaan zo prijsopdrijving en overwinsten tegen zodat gemeenschapsgeld bijdraagt aan collectieve veiligheid en niet eindigt in de portemonnee van wapenspeculanten."
"Een verantwoord investeringsplan. Voor het opbouwen van een sterke krijgsmacht zijn forse investeringen nodig en veel tijd. Daar moet een verantwoord investeringsplan voor komen. Vooraf moet duidelijk zijn waarin we gaan investeren, of deze investeringen het internationaal humanitair recht respecteren, en of defensie en de industrie dat geld ook goed kunnen uitgeven. Daarbij streven we naar maximale openbaarheid, onderzoeken we vooraf de belangen van de defensie-industrie en leggen we transparant vast hoe we mogelijke lobby-invloeden en belangenconflicten vermijden. Zo voorkomen we verspilling en onnodige prijsstijgingen. Ook kunnen we kosten besparen met betere samenwerking in Europa bij het inkopen van munitie en wapensystemen."
"Wetenschappelijk onderwijs. Na jaren van afbraakbeleid moet er weer ruimte komen voor onderzoek en innovatie. We investeren fors in wetenschappelijk onderzoek. We werken toe naar de Lissabon-doelstelling om 3 procent van ons nationaal inkomen aan onderzoek en innovatie te besteden. Hierbij is regionale samenwerking tussen universiteiten, hogescholen en het mbo van groot belang."