Ruimere winstregels voor de kinderopvang

De regering moet ruimere regels maken voor de ''redelijke winst' in de kinderopvang. Kinderopvangorganisaties moeten namelijk genoeg geld verdienen om te kunnen investeren in kwaliteit, personeel en meer opvangplekken.

Motie van het lid Ceulemans over voldoende ruime kaders hanteren voor het begrip "redelijke winst" om de sector aantrekkelijk te houden voor investeerders

De kamer, constaterende dat kinderopvang in het nieuwe financieringsstelsel wordt aangewezen als dienst van algemeen economisch belang; overwegende dat kinderopvangorganisaties voldoende rendement moeten kunnen behalen om te blijven investeren in kwaliteit, personeel en uitbreiding van het aantal opvangplekken; verzoekt de regering voor de richtlijnen van het begrip «redelijke winst» voldoende ruime kaders te hanteren om de sector aantrekkelijk te houden voor investeerders.
7 oktober | JA21 | Aangenomen |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma BBB

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij wil het vestigingsklimaat verbeteren [1] en ziet investeringen in kinderopvang als zaken die een groot maatschappelijk en economisch rendement op de lange termijn hebben [3]. Daarnaast stelt de partij dat besluiten in de zorg en sociale zaken altijd het belang van het kind mee moeten nemen [4], en zij streven naar een financieel kader waarin investeringen hand in hand gaan met hervormingen [5].

Argumenten tegen: De partij wil stoppen met beleid dat geen maatschappelijk rendement oplevert [5]. In de context van de zorg wordt gesuggereerd dat winsten van verzekeraars grotendeel moeten worden ingezet voor onvoorziene omstandigheden [2].

Bronnen:

  1. "We investeren in ons vestigingsklimaat. Daarbij erkennen we de bijdrage die onze bedrijven, zowel multinationals als mkb-bedrijven, leveren aan onze schatkist. Multinationals zijn erg belangrijk, voor de werkgelegenheid, voor innovatie maar ook voor onze mkb-bedrijven. Veel Nederlandse mkb-bedrijven zijn een belangrijke toeleverancier voor onze multinationals. We verlagen de regeldruk en houden hier zo veel als mogelijk rekening mee bij belastingmaatregelen."
  2. "Reservering voor onvoorziene situaties. In de zorg kunnen zich onvoorziene situaties voordoen, zoals tijdens de corona periode. (Gereserveerde) winsten van zorgverzekeraars moeten voor minstens de helft worden ingezet voor omstandigheden die zich plotseling voordoen. Zo geldt de zorgverzekering ook echt als een verzekering op zorg, waarbij zorgverzekeraars zelf investeren in wachttijdreductie en geld reserveren voor noodsituaties als een pandemie."
  3. "De doorrekening van verkiezingsprogramma's door het CPB is waardevol, maar niet zaligmakend. Het CPB werkt met gestileerde modellen die lang niet alle effecten in beeld brengen. Investeringen in onderwijs, ziektepreventie, kinderopvang of sociale zekerheid worden op korte termijn als kosten geboekt, terwijl hun maatschappelijke én economische rendement op de lange termijn juist zeer groot is."
  4. "Kinderen uit de knel. Besluiten met betrekking tot zorg en GGZ moeten altijd nadrukkelijk van meet af aan het belang van het kind meenemen, niet pas wanneer zaken uit de hand lopen."
  5. "BBB kiest daarom voor een betrouwbaar, houdbaar en robuust financieel kader waarin hervormingen én investeringen hand in hand gaan. Onze aanpak is nuchter: we willen niet dat Nederland kapot bezuinigd wordt, we stellen andere prioriteiten daar waar nodig en stoppen met beleid dat geld kost als dat geen maatschappelijk rendement levert. We versterken de inkomstenbasis met een eerlijker belastingstelsel en verminderen de afhankelijkheid van inefficiënte toeslagen."