Het kabinet moet bij de Europese Unie aandringen op een plan om fossiele energie uit te faseren. De EU moet een gezamenlijke koers varen om de klimaattop (COP31) tot een succes te maken.
Motie van het lid Van Oosterhout over pleiten voor een Europese roadmap om fossiel uit te faseren
De kamer,
overwegende dat de transitie weg van fossiele energie een belangrijk
onderwerp zal zijn op de klimaattop;
constaterende dat verschillende EU-landen al plannen hebben gepresenteerd die daar invulling aan geven, maar de EU als geheel nog niet;
constaterende dat de EU als geheel een cruciale rol heeft in de onderhandelingen en medeverantwoordelijkheid draagt om van de klimaattop een
succes te maken;
verzoekt het kabinet om in het kader van de Europese inzet voor COP31 te
pleiten voor een Europese roadmap om fossiel uit te faseren.
Argumenten voor: De partij stelt dat klimaatverandering een wereldwijd vraagstuk is dat een internationale aanpak vereist [2]. Zij zien de Europese doelstellingen als een goede basis [3] en benadrukken dat Europese samenwerking noodzakelijk is voor grote grensoverschrijdende uitdagingen zoals klimaatverandering [6]. Daarnaast steunen zij het Europese plan om de uitstootrechten in het emissiehandelssysteem in 2040 naar nul af te bouwen [5], en willen zij een Europees gelijk speelveld om emissie-lekkage te voorkomen [3].
Argumenten tegen: De partij waarschuwt dat Europese regelgeving het bedrijfsleven niet moet overladen met onnodige regeldruk en onduidelijkheid [4]. Ook moet de focus eerst liggen op het op orde brengen van nationale randvoorwaarden, zoals het elektriciteitsnet en de vergunningverlening, om burgers en bedrijven niet in de knel te brengen [1]. Daarnaast is het voor de middellange termijn mogelijk om gas te winnen in de Noordzee [7].
Bronnen:
"De klimaat- en energietransitie zit in een taaie fase. Klimaatdoelen afspreken bleek nog vrij eenvoudig, klimaatdaden stellen en volhouden blijkt een stuk ingewikkelder. Dat heeft deels te maken met de ingewikkelde internationale context, maar ook met het feit dat Nederland zijn randvoorwaarden voor vergroening van de economie niet op orde heeft: het elektriciteitsnet zit overvol, de vergunningverlening zit op slot en er is een gebrek aan goed opgeleide vakmensen. Die randvoorwaarden moeten met voorrang op orde worden gebracht, anders komen burgers en bedrijven in de knel, omdat er geen reëel handelingsperspectief is (zie ook hoofdstuk 2 'Nederland van het slot')."
"Om de schepping te bewaren is ambitieus klimaatbeleid noodzakelijk. Bovendien draagt goed klimaatbeleid bij aan energieonafhankelijkheid: we zijn nu voor onze energievoorziening afhankelijk van landen waar we niet afhankelijk van willen zijn. Dat moet stoppen. Klimaatverandering houdt zich niet aan grenzen: het is een wereldwijd vraagstuk dat een internationale aanpak vraagt. Daarom is het goed dat Nederland zich al jaren, in internationaal verband, inzet voor goede, bindende afspraken om de impact van het menselijk gedrag op het klimaat te verkleinen."
"Wij zien het Akkoord van Parijs en de Europese doelstellingen die daarop zijn gebaseerd als een goede basis. Dat geldt ook voor de Nederlandse Klimaatwet waarin is vastgelegd dat we in 2030 55% CO2-reductie moeten hebben behaald ten opzichte van 1990. De ChristenUnie richt zich op een hogere reductie in 2030, zodat tegenvallers er niet direct toe leiden dat we het minimale doel niet halen. Vermindering van uitstoot in eigen land mag niet leiden tot hogere uitstoot elders. Daarom wordt bij klimaatbeleid zoveel mogelijk ingezet op een Europees gelijk speelveld, met zo min mogelijk weglek. We normeren verstandig, maken gerichte afspraken met (top)sectoren en subsidiëren innovatie, zoals via schoon- en emissieloos bouwen. In het Klimaatfonds trekken we extra geld uit voor energie-infrastructuur, zoals elektriciteits- en wartmenetten, isolatie van huizen en verduurzaming van de industrie, zodat Nederland een sterke en schone industriële sector behoudt."
"We zien aanvullende Europese regelgeving voor verduurzaming en maatschappelijk verantwoord ondernemen niet als bedreiging, maar als een kans. Het is zaak om dergelijke regelingen proactief en verstandig te implementeren, om niet de boot te missen, en te voorkomen dat het bedrijfsleven wordt overladen met onnodige regeldruk en onduidelijkheid. De opbrengsten van beprijzingsmechanismen als ETS-2 komen ten goede aan de vergroening van de economie en financiële compensatie van bedrijven en burgers. Nationale heffingen bovenop Europese maatregelen zijn niet altijd effectief, omdat vervuiling in sommige gevallen niet minder wordt, maar simpelweg verplaatst. Dergelijke effecten moeten worden meegewogen bij beleidsvorming."
"Om grote uitstoters te verduurzamen, steunen we het Europese plan om versneld de uitstootrechten voor broeikasgassen in het emissiehandelssysteem in 2040 naar nul af te bouwen. We blijven werk maken van maatwerkafspraken met grote, strategische bedrijven en sectoren. Bedrijven die een plan hebben om volledig te verduurzamen, krijgen steun. De nationale CO2-heffing blijft als instrument bestaan, maar zetten we voor bedrijven waar de overheid in gebreke blijft op nul. Het doel van de heffing is niet om geld op te halen. Mochten er opbrengsten zijn, dan komen die ten goede aan de industrie om de overstap van fossiele naar duurzame productiemethoden te realiseren. We maken in Europees verband werk van het normeren van de vraag, zodat er ook Europese markten zijn voor de duurzaam (en circulair) geproduceerde producten. We stimuleren waterstofinnovatie, om duurzaam opgewekte energie ook te kunnen gebruiken. Naast eigen productie en opslag in Nederland richten we ons op de import van groene waterstof uit landen waar meer ruimte is voor duurzame energieopwekking."
"Voor grote grensoverschrijdende uitdagingen is Europese samenwerking noodzakelijk: (arbeids)migratiebeleid, klimaatverandering, belastingontwijking en een eerlijke (digitale) economie. In deze tijd met geopolitiek schuivende panelen is strategische autonomie op Europees niveau cruciaal. We willen dat Nederland (en Europa) minder afhankelijk wordt van anderen waar het gaat om essentiële producten zoals grondstoffen, basisproducten, digitale diensten (incl. onafhankelijkheid van Amerikaanse techreuzen), voedsel en energie. Het Europees Parlement vergadert voortaan alleen nog in Brussel. Reizen tussen Brussel en Straatsburg is kostbaar en inefficiënt."
"Biomassa zetten we gericht in op hoogwaardige toepassingen, zoals via bijmenging in de luchtvaartsector en groen gas in het aardgasnetwerk. Er komt op den duur een einde aan het verbranden van biomassa. We stimuleren de ontwikkeling van aardwarmte als duurzaam en lokaal alternatief voor aardgas, om huizen, gebouwen en kassen mee te verwarmen. Onder strikte voorwaarden blijft het voor de middellange termijn mogelijk om in de Noordzee (niet onder de Waddenzee) gas te winnen."