Nidos moet de begeleiding opschalen voor alleenstaande minderjarige vreemdelingen die vaak met politie of justitie in aanraking komen. Er moeten passende maatregelen worden genomen. Ook moet worden beoordeeld of strafbaar gedrag gevolgen heeft voor het verblijfsrecht van deze jongeren.
Motie van het lid Russcher over passende maatregelen van Nidos voor amv's die herhaaldelijk met politie en justitie in aanraking komen
De kamer,
constaterende dat recent een voormalig alleenstaande minderjarige
vreemdeling in het nieuws kwam die sinds zijn komst naar Nederland op
14-jarige leeftijd 114 politieregistraties heeft opgebouwd;
constaterende dat Nidos belast is met de wettelijke voogdij over alleenstaande minderjarige vreemdelingen en dat met de uitvoering van zijn
taken jaarlijks honderden miljoenen euro’s vanuit de begroting van Asiel
en Migratie zijn gemoeid;
overwegende dat van een wettelijk voogd mag worden verwacht dat tijdig
en aantoonbaar wordt ingegrepen;
verzoekt de regering ervoor zorg te dragen dat Nidos bij amv’s die
herhaaldelijk met politie en justitie in aanraking komen, passende
maatregelen treft en waar nodig de begeleiding opschaalt, en tevens te
waarborgen dat in dergelijke gevallen wordt beoordeeld of het gepleegde
strafbare gedrag gevolgen kan hebben voor het verblijfsrecht.
Argumenten voor: De partij vindt dat de overheid verantwoordelijk is voor deugdelijk toezicht en de beschikbaarheid van voldoende hulp wanneer ingrijpen noodzakelijk is [2]. Daarnaast pleit de partij voor het onmiddellijk uitzetten van overlastgevende migranten [1], wat aansluit bij het verzoek om te beoordelen of strafbaar gedrag gevolgen heeft voor het verblijfsrecht.
Argumenten tegen: Het programma biedt geen argumenten die de motie tegengaan.
Bronnen:
"Overlastgevende en frauderende migranten moeten onmiddellijk worden uitgezet."
"Het is een pijnlijke realiteit dat het ondersteunen van gezinnen en gemeenschappen en de inzet van vrijwillige jeugdhulp niet altijd toereikend is om kinderen een veilige situatie te bieden. De omstandigheden thuis kunnen zo bedreigend worden dat ingrijpen noodzakelijk is. Die situaties dienen zoveel mogelijk beperkt te worden. Als toch ingegrepen moet worden, is de overheid verantwoordelijk voor deugdelijk toezicht op het kind en beschikbaarheid van voldoende goede hulp. De inzet is zoveel mogelijk gericht op terugkeer naar het gezin, tenzij duidelijk blijkt dat dit in strijd is met het belang van het kind."