Levering van elektriciteit bij koelwaternormen

De regering moet uiterlijk begin 2027 aangeven hoe de levering van elektriciteit voor bedrijven wordt gegarandeerd. De regels voor koelwater mogen de stroomvoorziening niet in gevaar brengen. Ook moeten Nederlandse bedrijven een gelijk speelveld behouden.

Motie van het lid Goudzwaard over aangeven of en, zo ja, hoe de leverings- en zorgplicht voor bedrijven wordt geborgd

De kamer, constaterende dat de Minister de juridische mogelijkheden voor een werkbare toepassing van de koelwaternormen onderzoekt; overwegende dat de toepassing van deze normen rekening moet houden met de leveringszekerheid van elektriciteit en een gelijk speelveld voor Nederlandse bedrijven; verzoekt de regering om uiterlijk in het eerste kwartaal van 2027 aan te geven of en, zo ja, hoe de leverings- en zorgplicht voor deze bedrijven wordt geborgd.
8 oktober | JA21 | Aangenomen |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma VVD

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 85%)

Argumenten voor: De partij streeft naar een gelijk speelveld voor de industrie met de rest van Europa [2] en wil voorkomen dat nationale regels die de concurrentiepositie schaden [2]. Zij kiezen voor een realistische aanpak van de Europese regels voor waterkwaliteit om een gelijk speelveld met buurlanden te behouden [1]. Daarnaast willen zij dat de overheid de noodzakelijke randvoorwaarden schept voor werkbare wet- en regelgeving [3] en dat het gelijke speelveld voor de industrie wordt hersteld om de concurrentiepositie te waarborgen [4].

Argumenten tegen: Het programma bevat geen argumenten om tegen de motie te stemmen.

Bronnen:

  1. "Schoon en fris water: We houden ons aan Europese regels op het gebied van waterkwaliteit. We kiezen hierbij voor een realistische aanpak en houden een gelijk speelveld met onze buurlanden."
  2. "Een gelijk speelveld voor de industrie met de rest van Europa: We willen een gelijk speelveld voor onze industrie met de rest van Europa. Europees klimaatbeleid is daarom het beste klimaatbeleid. We schrappen waar mogelijk nationale koppen op Europees beleid. We willen geen nieuwe koppen die het verdienvermogen en de concurrentiepositie van Nederland schaden. We zorgen ervoor dat Nederland net als andere landen voldoet aan haar Europese verplichtingen op klimaat- en energiegebied."
  3. "Wet- en regelgeving werkbaar maken: Op het moment dat een structurele emissiereductie wettelijk is geborgd, zorgt de overheid voor de noodzakelijke randvoorwaarden. Zo worden PAS-melders, ondernemers die te goeder trouw hebben gehandeld maar nu zonder vergunning zitten, gelegaliseerd met bijvoorbeeld een juridisch houdbare rekenkundige ondergrens. We willen per sector bekijken of een drempelwaarde mogelijk is - om te beginnen voor de bouw, die slechts tijdelijk een geringe uitstoot veroorzaakt. Er moeten weer vergunningen komen voor agrariërs om aan de slag te gaan met stikstofreducerende innovaties, waarvan het grote potentieel recent is aangetoond door onderzoek van de Wageningen Universiteit. En uiteindelijk moeten we waar mogelijk af van de eenzijdige focus op stikstof door op basis van onafhankelijke en langdurige monitoring de feitelijke staat van de natuur leidend te maken bij vergunningverlening."
  4. "Wat de komende jaren extra aandacht vergt is de industrie. Een vertrek van de (basis)industrie maakt ons afhankelijker van andere landen. De industrie staat bijvoorbeeld aan de basis van de productie van nachtkijkers voor het leger, infuuszakken voor het ziekenhuis en de schoenen waar je dagelijks op loopt. Ook zorgen ze voor innovatie. We hebben tijdens de coronacrisis gezien waarom het belangrijk is dat zulke zaken in Nederland of Europa kunnen worden gemaakt. Onze (basis)industrie moet opboksen tegen oneerlijke concurrentie uit landen als China en kampt met hoge energieprijzen. Een onwerkbare situatie. Ook het probleem van een overvol stroomnet moet écht worden opgelost. Het gelijke speelveld voor de (basis)industrie moet worden hersteld zodat zij kan verduurzamen én concurrerend kan blijven."