De regering moet bij nieuw woningbouwgeld voorrang geven aan projecten in Drenthe, Friesland, Groningen en Zeeland. Ook moet het makkelijker worden voor kleine gemeenten om samen geld aan te vragen. Nu gaat bijna al het geld voor bereikbaarheid en woningen naar andere delen van Nederland. Hierdoor worden projecten in de noordelijke provincies en Zeeland te vaak overgeslagen.
Motie van het lid Grinwis c.s. over bij vrijvallende WoKT-middelen voorrang geven aan woningbouwprojecten in Drenthe, Fryslân, Groningen en Zeeland
De kamer,
constaterende dat Drenthe, Fryslân, Groningen en Zeeland nog geen 1%
van de recent door het kabinet voor woningbouw en bereikbaarheid
toegewezen middelen ontvangen, en dat bijvoorbeeld de Regio
Groningen-Assen slechts 0,06% van de beschikbare 2,5 miljard voor
bereikbaarheid van nieuwe woningbouwlocaties tegemoet mag zien,
terwijl hij voorziet in 3,2% van de landelijke woningbouwopgave;
overwegende dat er een lijst is met afgevallen projecten waar geen
WoKT-middelen (Woningbouw op Korte Termijn) meer voor beschikbaar
waren;
van mening dat elke regio telt en dat ook kleinere gemeenten met kleinere
woningbouwopgaven in aanmerking moeten kunnen komen voor
landelijke ondersteuning;
verzoekt de regering binnen de lijst met afgevallen projecten voor
WoKT-middelen, zodra er weer middelen vrijvallen dan wel beschikbaar
komen, voorrang te geven aan woningbouwprojecten in Drenthe, Fryslân,
Groningen en Zeeland;
verzoekt de regering bij eventuele volgende investeringsrondes in
woningbouw en de daartoe noodzakelijke infrastructuur regionale, dus
gebundelde lokale, aanvragen mogelijk te maken, zoals dat bij de
Woningbouwimpuls ook het geval is, zodat de kans groter wordt dat
financiële ondersteuning van het Rijk evenwichtiger over ons land wordt
gespreid.
Aangenomen op 4 februari: 105 - 45
DENK
SGP
JA21
SP
50PLUS
Volt
CU
PvdD
G-Markus
GL-PVDA
BBB
FVD
VVD
CDA
PVV
D66
Behandeld
Datum
Activiteit
26 januari
Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT)