Opschorting EU-Israël-verdrag

Het kabinet moet pleiten voor het opschorten van de handelsafspraken met Israël in het EU-Israël-associatieverdrag. Dit verdrag regelt de economische handel tussen de Europese Unie en Israël. Het doel van de opschorting is om druk uit te oefenen op het gebied van internationale verplichtingen en mensenrechten.

Motie van het lid Piri c.s. over pleiten voor opschorting van het handelsdeel van het EU-Israël Associatieverdrag

De kamer, verzoekt het kabinet om te pleiten voor opschorting van het handelsdeel van het EU-Israël-associatieverdrag.
16 april | GL-PvdA, DENK, PvdD, SP, Volt | Aangenomen: 81–68 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma JA21

Stemverwachting: tegen (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: Er is geen directe onderbouwing in het verkiezingsprogramma te vinden om het handelsdeel van het EU-Israël-associatieverdrag op te schorten. De partij noemt enkel Gaza in de context van humanitaire hulp [1], maar pleit niet voor het beperken van handelsrelaties met betrokken landen.

Argumenten tegen: De partij stelt dat ontwikkelingslanden meer gebaat zijn bij 'verweven handelsbanden' dan bij financiële injecties [1]. Bovendien hamert de partij op het belang van een 'sterke gemeenschappelijke markt' waar Nederland als open economie bij gebaat is [2], en verzet zich tegen het verlies van de kerntaak van de EU, waarbij de focus zou moeten liggen op vrije concurrentie en economische groei [2].

Bronnen:

  1. "JA21 pleit voor de beperking van ontwikkelingsgeld tot met name onpartijdige humanitaire hulp, zoals in Soedan en Gaza, en het realiseren van opvang in de re -gio. Ontwikkelingslanden zijn meer gebaat bij verweven handelsbanden dan bij de financiële injecties van de laat -ste decennia. Alleen eerlijke handelsafspraken en lokaal draagvlak voor corruptiebestrijding, overheidshervorming en onderwijsinvestering kunnen leiden tot de juiste om -standigheden voor stabiele, duurzame ontwikkeling. Dit moet niet van buitenaf opgelegd worden, dit werkt immers vaker averechts of wordt zelfs als 'neo-koloniaal' ervaren. Met realistischer buitenlandbeleid kan Nederland ondanks beperkte invloed een positieve impact bewerkstelligen voor haar welvaart en veiligheid."
  2. "Onze open economie is gebaat bij een sterke gemeen -schappelijke markt. JA21 ziet hierin potentie voor meer banen, welvaart en groeikansen voor Nederlandse be -drijven. De Europese Unie verliest deze kerntaak helaas meer en meer uit het oog. Zij houdt zich ogenschijnlijk liever bezig met duurzaamheid, het sociale domein en bestuurlijke hervormingen. Zo blijft de voltooiing van de kapitaalmarktunie achter, hetgeen private investeringen belemmert. Tegelijkertijd krijgen bedrijven wel te maken met verstikkende regelgeving, zoals nieuwe groene rap -portageverplichtingen onder de CSRD. Ook wordt gewerkt aan plannen voor een Europese industriepolitiek, onder de noemer van een 'Clean Industrial Deal'. Het Draghi-rapport onderschrijft in delen dit pleidooi voor een gestuurde eco -nomie. JA21 vindt dat Nederland hier uiterst kritisch te -genover moet staan en samen met andere landen moet sturen op EU-beleid dat juist gericht is op vrije concurren -tie en liberale economische groei."