De regering moet organisaties die armoede bestrijden ondersteunen en betrekken bij nieuwe maatregelen. Door de oorlog in het Midden-Oosten stijgen de prijzen. Hierdoor komen meer mensen in betalingsproblemen. Kerken, moskeeën en verenigingen zien deze armoede vaak als eerste.
Motie van het lid Van Baarle over maatschappelijke initiatieven gericht op armoedebestrijding de komende periode ondersteunen
De kamer,
constaterende dat de effecten van de oorlog in het Midden-Oosten
voelbaar zijn in ons land in de vorm van toegenomen prijzen en dat
hierdoor een grotere groep mensen in betalingsproblemen kan komen;
overwegende dat maatschappelijke organisaties zoals kerken, moskeeën,
verenigingen en hulpinitiatieven op het gebied van armoede vaak als
eerste in contact komen met mensen in armoede en de armoedeproblematiek ook vaak als eerste signaleren;
verzoekt de regering om maatschappelijke initiatieven gericht op
armoedebestrijding de komende periode gericht te ondersteunen en te
betrekken bij de uitvoering van de maatregelen.
Argumenten voor: De partij wil dat kerken en maatschappelijke organisaties, zoals voedselbanken en Schuldhulpmaatje, ruim baan krijgen bij het bestrijden van armoede en dat hun rol beter in het beleid wordt verankerd [1]. Geloofsgemeenschappen worden gezien als volwaardige partners van de overheid die een cruciale rol spelen bij het ondersteunen van mensen in armoede [2]. Daarnaast stelt de partij dat de overheid ruimte moet geven, aanmoedigen en ondersteunen wanneer burgers in gemeenschappen, zoals kerken en verenigingen, zorg dragen voor elkaar [6]. In crisissituaties ziet de partij een rol voor kerken als hulppunten [4]. Verder streeft de partij naar een sterke verlaging van het aantal mensen en kinderen dat in armoede leeft [3] en wil zij armoede structureel terugdringen [5], waarbij zij de waarde van vrijwilligers die mensen in nood bijstaan erkent [7].
Argumenten tegen: Er is geen informatie in de verstrekte fragmenten die reden geeft om tegen deze motie te stemmen.
Bronnen:
"Kerken zijn al eeuwen actief om armoede te bestrijden. In plaats van hun rol te bemoeilijken geven we ruim baan aan kerken en maatschappelijke organisaties (zoals voedselbanken en Schuldhulpmaatje). Hun rol wordt beter verankerd in het beleid en er komt een duidelijkere rolverdeling tussen de overheid en vrijwilligers."
"Kerken en geloofsgemeenschappen zijn volwaardige partners van de overheid. Ze spelen een cruciale rol in het ondersteunen van mensen in armoede en het voorkomen van eenzaamheid en sociale uitsluiting, juist op plekken waar de overheid vaak geen rol heeft. De overheid voert regelmatig overleg met kerken en andere geloofsgemeenschappen. Daarbij is aandacht voor praktische belemmeringen zoals huisvesting. Nu is de overheid hier vaak (soms vanuit religieus analfabetisme, soms vanwege gebrek aan samenlevingsvisie) een sta-in-deweg, terwijl het haar taak is om mee te denken. Bij woningbouwprojecten moet vanaf het begin ruimte worden gereserveerd voor ontmoeting: kerken, buurthuizen, verenigingsgebouwen en maatschappelijk vastgoed zoals huisarts- en hulpverleningspraktijken. Deze voorzieningen zijn essentieel voor een sterke samenleving."
"Het aantal mensen en kinderen dat in armoede leeft moet sterk omlaag. Voor een beter armoedebeleid is het advies van de Commissie Sociaal Minimum de leidraad. Het sociaal minimum moet voldoende zijn om van rond te kunnen komen. Periodiek wordt getoetst of het sociaal minimum nog voldoende is. Ook wordt het niet-gebruik van regelingen teruggedrongen (bijvoorbeeld via gegevensuitwisseling). De verschillen in armoederegelingen tussen gemeenten zijn nu te groot en een aantal verschillende regelingen te ingewikkeld. Dit moet eenvoudiger. Gemeenten moeten adequate financiële middelen hebben om goed, lokaal toegespitst armoedebeleid te voeren. De Rijksoverheid gaat weer werken met een doelstelling om de (kinder)armoede te verlagen in plaats van armoede niet te laten toenemen."
"In dit tijdperk van hybride oorlogsvoering is het niet de vraag of, maar wanneer een crisis plaatsvindt. Burgers kijken hiervoor terecht naar de overheid. Maar een crisissituatie vraagt ook iets van de samenleving zelf. Bijvoorbeeld doordat kerken functioneren als hulppunten, of doordat buurten of lokale gemeenschappen zorgdragen voor kwetsbaren."
"Nederland is een welvarend land. Het is onacceptabel dat veel kinderen in armoede, met schaamte en tekorten, opgroeien. Veel gezondheidsklachten komen voort uit zorgen over de kosten van het dagelijks leven. Het is bovendien onrechtvaardig dat er in Nederland werkenden zijn die nauwelijks rond kunnen komen. De ChristenUnie wil armoede structureel terugdringen. Met eerlijke lonen, een rechtvaardiger belastingstelsel en goede schuldhulpverlening."
"Want samenleven gebeurt niet in systemen, maar in gemeenschappen: in straten, buurten, families, kerken en sportverenigingen. Nederland heeft een rijke traditie van vrijwilligerswerk, mantelzorg en onderlinge betrokkenheid. Juist in regio's waar de onderlinge verbondenheid sterk is, zijn mensen minder eenzaam en gelukkiger. De overheid kan dit niet van bovenaf organiseren, maar moet wel ruimte geven, aanmoedigen en ondersteunen."
"Voor veel mensen is de grens tussen rondkomen en in armoede belanden akelig dun. Een kapotte wasmachine of een onverwachte rekening kan al genoeg zijn om in de problemen te raken. Wie eenmaal schulden heeft, komt vaak terecht in een wirwar van aanmaningen, boetes en deurwaarders. Gelukkig staan er, aanvullend op de professionele hulpverlening, veel vrijwilligers klaar om mensen in nood bij te staan, bijvoorbeeld via de Voedselbank of SchuldHulpMaatje. Het betalen van een openstaande schuld is in principe een zaak tussen koper en verkoper, mensen zijn primair zelf verantwoordelijk. De overheid moet er wel voor zorgen dat de regels rond het nakomen van schulden rechtvaardig zijn en dat er adequate hulpverlening is voor wie de schulden niet zelfstandig kan aflossen."