Onderzoek naar uitzetten van glasaal

De regering moet samen met andere landen en experts onderzoeken of het uitzetten van glasaal (jonge paling) echt helpt om het aalbestand te herstellen. Het is nu onduidelijk of deze palingen later succesvol terugkeren naar zee. Beleid voor visserij en natuur moet gebaseerd zijn op meetbare resultaten.

Motie van de leden Boomsma en Van der Plas over een nader pilotonderzoek naar het migratiegedrag en overlevingssucces van uitgezette glasaal

De kamer, constaterende dat glasaal wordt uitgezet met als doel het herstel van het Europese aalbestand; constaterende dat veel landen nog niet voldoen aan de Aalverordening, dat de Kamer vorig jaar de motie-Boomsma heeft aangenomen om knelpunten voor palingmigratie te inventariseren en dat er meer inzet nodig is om de palingstand te herstellen; constaterende dat onvoldoende is vastgesteld in hoeverre en wanneer het uitzetten van glasaal bijdraagt aan een toename van schieraal die succesvol naar zee migreert; overwegende dat effectief visserij- en natuurbeleid gebaseerd moet zijn op meetbare resultaten en praktijkgericht onderzoek; verzoekt de regering in samenwerking met ICES en andere lidstaten en in overleg met visserijorganisaties een nader pilotonderzoek op te zetten naar het migratiegedrag en de overlevingssuccessen van uitgezette glasaal, inclusief zender- en monitoringsonderzoek.
23 april | JA21, BBB | Aangenomen: 149–1 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma CDA

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij hecht veel waarde aan natuurherstel [1] en natuurontwikkeling die daadwerkelijk bijdraagt aan biodiversiteit [4]. Om dit te bereiken, willen zij investeren in de wetenschappelijke positie via samenwerking tussen overheid, kennisinstellingen en bedrijven [5], en pleiten zij voor kennisclusters waarin onderzoekers en praktijkbeoefenaars samen de effecten van natuurbeheer onderzoeken [8]. Daarnaast wil de partij dat ecologische analyses worden gebruikt om de juiste maatregelen voor natuurherstel te kiezen [7] en dat er gebruik wordt gemaakt van nieuwe meettechnieken [6]. Op het gebied van visserij streeft de partij naar nauwe samenwerking met Noordzeelanden [2] en erkent zij dat de kennis van vissers cruciaal is voor het beschermen van visstanden en een ecologisch verantwoord visbeleid [3].

Argumenten tegen: Er zijn geen fragmenten in het verkiezingsprogramma die redenen geven om tegen deze motie te stemmen.

Bronnen:

  1. "Er komt een geborgde aanpak voor natuurherstel, in samenwerking met natuurbeheerders. Inclusief bijbehorend budget."
  2. "We willen nauwe samenwerking met Noordzeelanden op visserij. Europees willen we een eenduidige interpretatie van regelgeving en erkenning van de diploma's van vissers."
  3. "We willen ook ruimte voor vissers in onder andere Natura 2000-gebieden en de voordelta. Juist vissers weten dat het beschermen van natuurwaarden cruciaal is, ook voor de visstand. We ondersteunen kleinschalige kustvisserij bij het voldoen aan de eisen die gesteld worden aan duurzaamheid en ecologisch verantwoord visbeleid."
  4. "We pleiten voor een verbetering van de omstandigheden voor natuurontwikkeling die daadwerkelijk bijdraagt aan biodiversiteit en natuur."
  5. "We moeten de komende periode een groot aantal grote vraagstukken tegelijk aanpakken. Voor boeren en vissers een eerlijke prijs voor het voedsel dat ze produceren, ruimte om te kunnen ondernemen, grond die betaalbaar is. Voor toekomstperspectief voor jonge boeren, zodat ze de transitie kunnen meemaken. De natuur moet worden versterkt, door investeringen in waterbeschikbaarheid en reductie van stikstofdepositie. In de wereldwijd erkende wetenschappelijke positie rondom landbouw en natuur blijven we investeren met overheid, kennisinstellingen en bedrijven."
  6. "Het PBL monitort voortdurend en waar nodig wordt een breder meetplan ontwikkeld waarbij onder andere de inzet van nieuwe meettechnieken en data uit satellieten wordt gebruikt."
  7. "Natuurdoelanalyses worden gebruikt als ecologische analyse ter ondersteuning van provinciale besluitvorming voor natuurbeleid en voor de keuze van maatregelen voor natuurherstel. En om alle drukfactoren in beeld te brengen en aan te pakken."
  8. "We pleiten voor specifieke informatie-uitwisseling binnen een kenniscluster waarin onderzoek, private bedrijven en agrariërs onderzoek doen naar natuurbeheer en de effecten hiervan versterken en uitdragen. Deze clusters, zoals rondom de Wageningen Universiteit, stralen ook uit naar de regio's en jagen innovatie aan."