Meer ruimte voor dierlijke mest in Europa

De regering moet in Europa pleiten voor meer ruimte om dierlijke mest te gebruiken in plaats van kunstmest. Dierlijke mest is beter voor de bodem en het water. Daarnaast maakt dit Nederland minder afhankelijk van buitenlands gas en kunstmest voor de voedselzekerheid.

Motie van de leden Van der Plas en Flach over zich hard maken voor meer ruimte om dierlijke mest te gebruiken in plaats van kunstmest

De kamer, constaterende dat boeren op dit moment een groot deel van de stikstof verplicht uit kunstmest moeten halen, waardoor dierlijke mest onvoldoende gebruikt kan worden; constaterende dat Nederland en Europa daardoor afhankelijk blijven van buitenlands gas en kunstmest voor de voedselzekerheid; overwegende dat wetenschappelijk is aangetoond dat gebruik van dierlijke mest beter is voor de bodem en waterkwaliteit dan kunstmest; overwegende dat meer gebruik van dierlijke mest door dier- en productierechten niet leidt tot meer dieren; verzoekt de regering zich in Europa hard te maken voor meer ruimte om dierlijke mest te gebruiken in plaats van kunstmest.
21 mei | BBB, SGP | Verworpen: 49–101 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma BBB

Stemverwachting: voor (erg zeker, 100%)

Argumenten voor: De partij wil zich richting Europa actief inzetten om de 170 kg/ha norm in de Nitraatrichtlijn te schrappen [1] en alles op alles zetten om met de EU tot betere en werkbare normen en afspraken te komen over de derogatie [3]. Daarnaast streeft de partij naar een strategie waarbij bodemgezondheid en voedselzekerheid centraal staan, waarbij Europese regels de praktijk moeten ondersteunen in plaats van belemmeren om verantwoord mestgebruik mogelijk te houden [2]. Verder wil de partij dat boeren meer ruimte krijgen om bij te dragen aan de voedselzekerheid [4].

Argumenten tegen: Er zijn geen fragmenten in het verkiezingsprogramma die redenen geven om tegen deze motie te stemmen.

Bronnen:

  1. "De 170 kg/ha norm schrappen in de Nitraatrichtlijn. Nederland zal hier richting Europa een actieve inzet op plegen. Zolang de norm nog geldt, blijft Nederland zich hardmaken voor een nieuwe (grasland) derogatie."
  2. "BBB pleit voor een lange termijn landbouw- en voedselstrategie, gericht op 2050. In die strategie staan bodemgezondheid, voedselzekerheid en duurzame productie centraal, met behoud van het boerenbedrijf als onmisbare schakel. Boeren verdienen toekomstperspectief, geen afbraakbeleid. Daarom moet de derogatie behouden blijven om verantwoord mestgebruik mogelijk te houden en moeten Europese en nationale regels de praktijk ondersteunen in plaats van belemmeren. Hier blijven wij ons sterk voor maken."
  3. "Derogatie. Alles wordt op alles gezet om de afbouw van de huidige derogatie terug te draaien en met de EU tot betere en wel werkbare normen en afspraken te komen."
  4. "BBB heeft in het kabinet-Schoof een duidelijke koers ingezet: niet het blind volgen van rekenmodellen, maar het stellen van een rekenkundige ondergrens die Nederland van het slot haalt en toekomstbestendig is. Geen abstracte doelen, maar concrete oplossingen. Een pas op de plaats in beleid dat boeren van het land drijft. BBB wil de nationale koppen op Europees beleid schrappen en meer ruimte bieden aan boeren om via innovatie, vakmanschap en grondgebonden werken bij te dragen aan natuurherstel én voedselzekerheid. Tegelijkertijd erkennen we dat natuur belangrijk is. Maar natuurbeleid moet in balans zijn met economie, voedselvoorziening en leefbaarheid. We kiezen niet voor klimaatgekte, maar voor klimaatrealisme: beleid dat werkt, uitvoerbaar is en draagvlak heeft. Onze boeren verdienen waardering - geen wantrouwen. Zij zijn geen vervuilers, maar verzorgers van het land. Wie natuurherstel wil, kan niet zonder de kennis en ervaring van de mensen die met de natuur werken."