De regering moet vanaf 14 jaar altijd het strafrecht voor volwassenen toepassen bij zeden- en geweldsdelicten. Criminelen ronselen jongeren steeds vaker omdat de huidige straffen te laag zijn.
Motie van het lid Faber over vanaf 14 jaar altijd het volwassenenstrafrecht toepassen bij zeden- en geweldsdelicten
De kamer,
overwegende dat jongeren steeds vaker door criminelen worden
geronseld, vanwege de lage straffen;
constaterende dat Zweden kampt met vergelijkbare criminele problematiek en maatregelen neemt om minderjarigen zwaarder te straffen;
verzoekt de regering vanaf 14 jaar altijd het volwassenenstrafrecht toe te
passen bij zeden- en geweldsdelicten.
Argumenten voor: De partij benadrukt dat het onacceptabel is dat minderjarige slachtoffers van seksuele uitbuiting vaak uit beeld verdwijnen [1].
Argumenten tegen: De partij zet in op het programma 'Preventie met Gezag' om jongeren te helpen die in de criminaliteit dreigen te belanden of al vastzitten [2] en pleit voor een integrale aanpak waarbij het vangnet om het kind heen centraal staat [3].
Bronnen:
"We verhogen de leeftijdsgrens van sekswerkers naar 21 jaar. Uitstapprogramma's en hulpverlening voor sekswerkers die de branche willen verlaten, moeten makkelijk vindbaar zijn, ook als je de taal niet machtig bent. Het is onacceptabel dat minderjarige slachtoffers van seksuele uitbuiting vaak uit beeld verdwijnen. We zetten extra in op preventie van uitbuiting."
"We zetten het programma 'Preventie met Gezag' - dat helpt jongeren die in de criminaliteit dreigen te belanden of al vastzitten - structureel voort en breiden het uit, ook voor kleinere gemeentes rond grote steden."
"Op dit moment maakt één op de zeven jongeren gebruik van jeugdzorg en de mentale gezondheid van onze jongeren en jongvolwassenen staat breed onder druk. Het CDA wil een integrale aanpak bij hulp voor gezinnen, waarbij aandacht is voor een stabiele basis, zoals huisvesting, goed onderwijs, de impact van social media en het gezin. In het vangnet om kinderen heen zijn ouders, gemeenschappen en verenigingen cruciaal. Jeugdzorg moet aanvullend zijn, niet het startpunt. We zetten het kind centraal, niet de zorgaanbieder. Jongeren moeten zoveel als mogelijk mee kunnen praten over wat zij denken dat nodig is en wie hun daarbij kan steunen. De zorgprofessionals geven we meer ruimte en vertrouwen."