De regering moet onderzoeken of erkende werkmethoden bij asbestwerkzaamheden met een laag risico mogen leiden tot minder strenge regels. Deze methoden zorgen voor veilig werken zonder onnodig zware verplichtingen.
Motie van het lid Van Ark over minder zware vergunningverplichtingen onderzoeken voor erkende werkmethoden bij laag-risicowerkzaamheden met asbest
De kamer,
constaterende dat het wetsvoorstel een vergunningsplicht introduceert
voor bepaalde asbestwerkzaamheden en dat de vergunningscategorieën
in lagere regelgeving worden uitgewerkt;
overwegende dat bescherming van werknemers tegen blootstelling aan
asbest altijd voorop moet staan;
overwegende dat erkende werkmethoden bij aantoonbaar laag-risicovolle
werkzaamheden kunnen bijdragen aan veilig werken en het voorkomen
van onnodig zware verplichtingen;
verzoekt de regering te onderzoeken of en onder welke voorwaarden
erkende werkmethoden bij aantoonbaar laag-risicovolle werkzaamheden
kunnen leiden tot minder zware verplichtingen, mits werknemersveiligheid, toezicht, vakbekwaamheid en eindcontrole geborgd blijven;
verzoekt de regering dit te doen in overleg met sociale partners, sectorpartijen, het Validatie- en Innovatiepunt Asbest en de Nederlandse Arbeidsinspectie, en de Kamer hierover te informeren voor vaststelling van de
onderliggende regelgeving.
Argumenten voor: De partij streeft naar een goede bescherming van werknemers [2] en pleit voor een betere samenwerking tussen de overheid, werkgevers en werknemers [2]. De motie sluit hierbij aan door voor te stellen om in overleg met sociale partners en sectorpartijen te onderzoeken hoe verplichtingen kunnen worden aangepast [2]. Daarnaast past het verzoek om een onderzoek uit te voeren waarbij adviezen worden verzameld voordat de onderliggende regelgeving wordt vastgesteld bij de visie van de partij om bij de ontwikkeling van nieuwe wetgeving vroegtijdig adviezen van uitvoeringsorganisaties en de samenleving te verzamelen [1].
Argumenten tegen: De partij hecht veel waarde aan de goede bescherming van werknemers [2]. Er zou kunnen worden betoogd dat het versoepelen van regels voor asbestwerkzaamheden, zelfs bij aantoonbaar laag-risicovolle werkzaamheden, een risico vormt voor deze bescherming [2].
Bronnen:
"Wij pleiten voor het invoeren van een parlementaire wetsverkenning. Hiermee krijgt de Tweede Kamer bij het ontwikkelen van nieuwe wetgeving al vroeg de gelegenheid om de beoogde wetgeving op hoofdlijnen te (laten) onderzoeken en adviezen van uitvoeringsorganisaties en de samenleving te verzamelen. Informatie die zo verkregen is, kan dan meegenomen worden bij de behandeling in de Kamer."
"In ruil voor investeringen in randvoorwaarden en geharmoniseerde Europese regelgeving door de EU wil Volt dat bedrijven zelf een grotere maatschappelijke rol nemen. Een betere samenwerking tussen overheid, werkgevers en werknemers stimuleert een duurzaam vestigingsklimaat met binding tussen bedrijf, omgeving en maatschappij. Goede bescherming van werknemers, eerlijke bijdragen en meer contact van de overheid met het bedrijfsleven leent daar het fundament voor. Zo wordt verlies van institutionele kennis tegengegaan en wordt de bijdrage van werkgever en werknemer aan de maatschappij weer waardevol. Dat creëert een gezond, duurzaam en voorspelbaar vestigingsklimaat waar bedrijven de ruimte krijgen om te innoveren en te groeien. Zo wordt ruimte gegeven aan de kampioenen van de toekomst."