De regering moet de termijn voor gelijke behandeling bij uitlevering niet verkorten. Uitlevering is het overdragen van een persoon aan een ander land. Na vijf jaar rechtmatig verblijf moeten vreemdelingen dezelfde bescherming krijgen als Nederlanders. Deze termijn mag niet veranderen als de regels voor tijdelijke verblijfsvergunningen worden aangepast.
Motie van het lid Ceulemans over de termijn voor gelijke behandeling tussen Nederlanders en niet-Nederlanders bij uitlevering niet verkorten
De kamer,
constaterende dat Nederland in een interpretatieve verklaring kenbaar
gemaakt heeft dat vreemdelingen die «geheel geïntegreerd zijn in de
Nederlandse samenleving» voor uitlevering gelijk worden behandeld aan
Nederlanders;
constaterende dat het criterium hiervoor vijf jaar rechtmatig verblijf in
Nederland is;
overwegende dat deze termijn kan samenhangen met de termijn van een
tijdelijke verblijfsvergunning;
verzoekt de regering de termijn voor gelijke behandeling tussen Nederlanders en niet-Nederlanders bij uitlevering niet te verkorten, parallel aan
het verkorten van de termijn van de tijdelijke verblijfsvergunning.
Argumenten voor: De partij vindt dat integratie draait om het aanvaarden van de Nederlandse samenleving, inclusief de taal en waarden [4583, 4600]. Daarnaast stelt de partij dat mensen die in Nederland geworteld zijn, zoals kinderen, niet moeten worden uitgezet en recht hebben op verblijf in Nederland [3].
Argumenten tegen: De partij benadrukt dat mensen die geen blijvende plek in de Nederlandse samenleving hebben, moeten terugkeren [1]. Daarnaast wordt gesteld dat het recht op bescherming niet automatisch leidt tot het recht op het Nederlanderschap [2].
Bronnen:
"De bevolkingsgroei in Nederland wordt de laatste jaren uitsluitend veroorzaakt door migratie (studie-, arbeids-, en asielmigratie). De overheid heeft hier nauwelijks sturing aan gegeven. Waar er al beleid was, betrof dat vaak stimulerende maatregelen, zoals verengelsing van het onderwijs of het aantrekken van goedkope arbeidskrachten. Het politieke debat over migratie blijft ondertussen steken in patstellingen, oneliners en verkiezingsretoriek, zonder echte oplossingen. Migranten zijn in dat debat een economische factor, een bedreiging of een object van mededogen. De ChristenUnie ziet hen als een schepsel van God. Een mens op zoek naar een betere toekomst, werk of studie willen we recht doen. Dat kan betekenen dat iemand zich hier - al dan niet tijdelijk - mag vestigen. Maar wie geen blijvende plek heeft in de Nederlandse samenleving en ook terug kan, moet terugkeren."
"We verwachten van alle Nederlanders een actieve bijdrage aan de maatschappij. Het spreken van het Nederlands en het onderschrijven van de waarden zoals vastgelegd in de grondwet is daarvoor randvoorwaarde. Daar schort het nog weleens aan. Daarom kijken we kritisch naar de bestaande eisen en scherpen we deze waar nodig aan. Het recht op bescherming leidt niet automatisch na een aantal jaar tot het recht op Nederlanderschap. Daarbij zijn we mild voor hen die wel willen, maar niet kunnen."
"We zorgen voor voldoende, kwalitatieve opvangcapaciteit die kan meebewegen met pieken en dalen in aantallen asielzoekers. Dit voorkomt geldverspilling aan dure noodlocaties, zoals in hotels of op cruiseschepen. IND en COA worden voldoende en stabiel gefinancierd voor hun taak en ondersteund bij de inrichting van een efficiëntere asielprocedure. Asielzoekers krijgen snel duidelijkheid of zij mogen blijven, zodat mensen kunnen starten met hun leven in Nederland, of terugkeren. Dit voorkomt ook dat (potentieel) afgewezenen zich hier wortelen en het daarna onmenselijk is om hen, of hun kinderen, uit te zetten. In Nederland gewortelde kinderen zetten we niet uit en krijgen recht op verblijf in Nederland. De spreidingswet blijft van kracht om te kunnen voorzien in voldoende kleinschalige opvanglocaties, passend bij de omvang van de gemeente of buurt. Ook blijven alle gemeenten verplicht om statushouders te huisvesten. Voorrang van huisvesting van statushouders kan alleen vervallen als een realistisch alternatief wordt geboden, waardoor de asielketen niet vastloopt. Overlast bij AZC's wordt bestreden, samen met gemeenten en politie. Afgewezen asielzoekers vertrekken zo snel mogelijk naar het land van herkomst. We verbeteren daarom de vertrekprocedure en de communicatie daarover met afgewezen asielzoekers. Hierover maken we afspraken met landen van herkomst. Wanneer deze landen niet in redelijkheid meewerken aan het terugnemen van hun afgewezen onderdanen, worden sancties (nationaal of in Europees verband) overwogen. We staan in voor menswaardige opvang en begeleiding van afgewezen asielmigranten, waarbij gewerkt wordt aan terugkeer. Waar dat niet mogelijk is werken we aan een duurzaam perspectief: doormigratie of legalisering van verblijf. We zijn tegen strafbaarstelling van illegaliteit en hulp aan ongedocumenteerden wordt nooit strafbaar."