De regering moet uiterlijk op Prinsjesdag duidelijkheid geven over de toekomst van het Nationaal Fonds Betaalbare Koopwoningen (NFBK). Nu is het voor bouwers onduidelijk of er na 2027 nog geld beschikbaar is. Zonder deze duidelijkheid kunnen jongeren met een middeninkomen via de KoopStart-regeling hun kans op een betaalbare woning verliezen.
Motie van de leden Grinwis en Nobel over zo snel als mogelijk duidelijkheid verschaffen over de toekomst van het Nationaal Fonds Betaalbare Koopwoningen
De kamer,
overwegende dat dankzij door de Kamer aangenomen amendementen het
Nationaal Fonds Betaalbare Koopwoningen jongeren met een inkomen tot
twee keer modaal de kans geeft om toch een betaalbare woning te kunnen
kopen;
overwegende dat het voor marktpartijen die de woningen met koperskorting willen en kunnen ontwikkelen, niet helder is of ze in 2027 en
daarna nog een beroep kunnen doen op het NFBK, aangezien de bodem
van de incidentele pot van 100 miljoen euro eerder in zicht komt dan dat
de revolverendheid van het fonds gaat werken;
verzoekt de regering zo snel als mogelijk, uiterlijk op Prinsjesdag,
duidelijkheid te verschaffen over de toekomst van het succesvolle
Nationaal Fonds Betaalbare Koopwoningen, zodat jongeren met een
middeninkomen ook de komende jaren een woning kunnen blijven kopen
via deze KoopStart-regeling, en tevens in overleg met Stichting OpMaat
en SVn te bezien of verbeteringen in de spelregels kunnen worden
doorgevoerd.
Argumenten voor: De partij stelt dat jongeren en starters momenteel vastzitten op de woningmarkt, omdat zij te veel verdienen voor een betaalbare huurwoning, maar te weinig voor een hypotheek [1]. Het expliciete doel van de partij is om de woningmarkt toegankelijker en betaalbaarder te maken [2]. Daarnaast wil de partij de woonmarkt stimuleren door te investeren in de bouw van nieuwe woningen [3].
Argumenten tegen: Er is in de tekst geen informatie te vinden die gebruikt kan worden als argument om tegen de motie te stemmen.
Bronnen:
"Veel starters verdienen te veel voor een betaalbare huurwoning, maar te weinig voor de hypotheek om een fatsoenlijk huis te kopen. Ze zitten vast. De huizenprijzen worden opgedreven door grote (fiscale) verschillen tussen huren en kopen, die in het nadeel uitpakken voor huurders en starters op de woningmarkt. Dit systeem is niet solidair met onze jongeren en niet houdbaar op de lange termijn. De regels voor de hypotheekrenteaftrek zijn bovendien bijzonder ingewikkeld geworden."
"Het is duidelijk dat we eerlijke keuzes moeten maken. Waarbij we zowel de belangen van huidige huizenbezitters als starters op de huizenmarkt meewegen. Ons expliciete doel is de woningmarkt toegankelijker en betaalbaarder te maken. Daarom bouwen we de hypotheekrenteaftrek geleidelijk af. De opbrengsten gebruiken we een op een om de inkomstenbelasting te verlagen. Het kabinet dient hiertoe voorstellen in. Daarbij stellen we een aantal belangrijke randvoorwaarden die in de uitwerking moeten worden geregeld:
* De geleidelijke afbouw vindt plaats over een lange transitieperiode van dertig jaar, zodat huiseigenaren die met de aftrek rekening hebben gehouden in hun financiƫle planning, niet in de knel komen.
* We houden rekening met andere fiscale regelingen rondom huisbezit.
* We brengen de impact op de huizenmarkt goed in kaart en nemen die mee in onze voorstellen."
"We stimuleren de woonmarkt: naast de Grondbank, investeren we in de bouw van nieuwe woningen, we stimuleren doorstroming en verbeteren kwetsbare wijken."