De regering moet maatregelen nemen zodat woningcorporaties meer sociale huurwoningen en middenhuurwoningen kunnen bouwen. De prijzen voor grond en bouw zijn te hoog en vergunningen duren te lang. Hierdoor is er een groot tekort aan betaalbare woningen.
Motie van het lid El Abassi over aanvullende maatregelen nemen zodat woningcorporaties sneller en grootschaliger sociale huurwoningen en middenhuurwoningen kunnen realiseren
De kamer,
constaterende dat woningcorporaties na jaren van financiële beperkingen
nog steeds onvoldoende ruimte ervaren om het tekort aan betaalbare
huurwoningen snel terug te dringen;
overwegende dat corporaties te maken hebben met hoge grondprijzen,
langdurige vergunningprocedures en oplopende bouwkosten;
verzoekt de regering om aanvullende maatregelen te nemen die woningcorporaties in staat stellen sneller en grootschaliger sociale huur- en
middenhuurwoningen te realiseren, en de Kamer hierover voor het einde
van het jaar te informeren.
Argumenten voor: De partij wil dat woningcorporaties weer de ruimte krijgen om samen met de overheid betaalbare huizen te bouwen [1]. Om de bouw van sociale huur- en middenhuur te stimuleren, wil de partij grootschalig investeren en de btw voor deze woningtypen verlagen [2]. Daarnaast wil de partij met een Rijksgrondfaciliteit sneller huizen bouwen [3] en jaarlijks €2 miljard vrijmaken om de woningbouw uit het slop te halen [3].
Argumenten tegen: Er zijn in de verstrekte tekst geen argumenten te vinden die de partij tegen de motie zouden doen stemmen.
Bronnen:
"Woningcorporaties krijgen weer de ruimte om te doen waarvoor ze zijn opgericht: samen met de overheid en hun huurdersorganisaties betaalbare huizen bouwen in leefbare buurten."
"We willen dat meer mensen een goede, betaalbare woning kunnen vinden. Daarom investeren we grootschalig in de sociale huur, de middenhuur en betaalbare koop. Voor de bouw van sociale huur en middenhuur gaat de btw omlaag, zodat het aantrekkelijker wordt om betaalbare huizen te bouwen."
"We richten een Rijksgrondfaciliteit (een landelijke grondbank) op, zodat de grond die het Rijk in bezit heeft of krijgt, ingezet kan worden om sneller huizen te bouwen. We maken jaarlijks €2 miljard euro vrij om de woningbouw uit het slop te halen. Om te voorkomen dat dit geld vooral bij vastgoedondernemers terechtkomt, krijgen gemeenten meer ruimte om zelf grond te kopen en te ontwikkelen. Ook krijgen gemeenten meer mogelijkheden om grondspeculaties te voorkomen en te zorgen dat er niet alleen huizen komen, maar ook speelplaatsen en groen."