Controle van de overheidsfinanciën

De regering moet het transitieplan voor onafhankelijke controle van de overheidsfinanciën starten. Er is unanieme steun voor een onafhankelijke controle van de manier waarop de overheid met geld omgaat. De nieuwe werkwijze moet in 2028 klaar zijn.

Motie van de leden Stultiens en Oosterhuis over het transitieplan richting meer onafhankelijke controle van de overheidsfinanciën in gang zetten

De kamer, overwegende dat er unanieme steun was voor een transitieplan richting meer onafhankelijke controle van de overheidsfinanciën; verzoekt de regering dit plan daadwerkelijk in gang te zetten zodat de nieuwe werkwijze kan worden toegepast bij het controlejaar 2028.
3 juni | GL-PvdA, D66 | Aangenomen: 131–19 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma GL-PvdA

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij wil de positie van toezichthouders versterken en hun onafhankelijkheid wettelijk vastleggen om een kritische en transparante overheid te waarborgen [1]. In dit kader wordt specifiek de Algemene Rekenkamer genoemd als een toezichthouder waarvan het toezicht versterkt moet worden [1]. Daarnaast streeft de partij naar een onafhankelijke arbiter voor financiële verhoudingen die de balans tussen taken en middelen tussen verschillende overheidslagen gaat monitoren [2].

Argumenten tegen: Er zijn in de verstrekte tekst geen argumenten te vinden die tegen een onafhankelijke controle van de overheidsfinanciën pleiten.

Bronnen:

  1. "Een kritische en transparante overheid. Zonder toezicht en handhaving verliest elke wet- en regelgeving haar kracht. Zo raken burgers het vertrouwen in de overheid kwijt. Daarom versterken we de positie van onze toezichthouders met mensen en middelen. We leggen hun onafhankelijkheid wettelijk vast. We geven ambtenaren ruimte om deel te nemen aan het publieke debat en hun mening vrij te uiten. Toezichthouders krijgen een sterkere, wettelijk verankerde positie om onafhankelijk te opereren. We versterken het Huis voor Klokkenluiders zodat melders van misstanden altijd beschermd zijn. Dat geldt zowel voor het toezicht op het Openbaar Bestuur, bijvoorbeeld de Algemene Rekenkamer, Nationale Ombudsman, Inspectie Openbare Orde en Veiligheid, als voor de andere sectoren, waaronder de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit, Kansspelautoriteit, Autoriteit Consument en Markt, Autoriteit Persoonsgegevens, Inspectie Gezondheidszorg, en Onderwijsinspectie."
  2. "Overheden die samenwerken. De samenwerking tussen Rijk, gemeenten, provincies en waterschappen kan en moet beter. We realiseren ons dat veel maatschappelijke opgaven vragen om een uitmuntende samenwerking tussen alle overheidslagen. Daarom geven we de minister van Binnenlandse Zaken meer bevoegdheden en zorgen we voor een onafhankelijke arbiter voor financiële verhoudingen. Dit onafhankelijke orgaan gaat zich bezighouden met het monitoren van de balans tussen taken en middelen, de indexatie van gemeente- en provinciefondsen, en kan knopen doorhakken over financiële geschillen tussen overheidslagen."