De regering moet met de gemeente Den Haag praten over financiële steun voor de binnenstad. De renovatie van het Binnenhof zorgt voor langdurige overlast en economische schade in de stad. Met extra geld kunnen projecten de economie en de leefbaarheid van de binnenstad verbeteren.
Motie van het lid Wiersma over gesprekken met de gemeente Den Haag over een eventuele bijdrage van het Rijk aan projecten die de Haagse economie en leefbaarheid versterken
De kamer,
overwegende dat de binnenstad van Den Haag langdurig overlast en
economische schade ondervindt als gevolg van de renovatie van het
Binnenhof;
verzoekt de regering om verkennende gesprekken te starten met de
gemeente Den Haag over een eventuele bijdrage van de rijksoverheid aan
gemeentelijke projecten die de economie en/of de leefbaarheid van de
binnenstad van Den Haag kunnen versterken, zoals het ondergronds
maken van de fietsenstalling aan het Buitenhof en het vergroeningsplan
Haagse Lanen.
Argumenten voor: De partij gelooft in het principe dat er eerst geïnvesteerd moet worden om later geld te kunnen verdienen, wat essentieel is voor een goed vestigingsklimaat [1]. Daarnaast streeft de partij naar levendige winkelstraten in steden en wil zij de 'Impulsaanpak Winkelgebieden' herintroduceren om dit te bereiken [3]. Het ondersteunen van ondernemers in levendige winkelstraten in de stad is een expliciet doel om economische krimp tegen te gaan [4]. Bovendien is de economische stabiliteit in de retail belangrijk, aangezien daar momenteel relatief veel faillissementen plaatsvinden [5].
Argumenten tegen: De partij benadrukt dat investeringen en beleid van de overheid gericht moeten zijn op alle regio's in Nederland en niet uitsluitend op de dichtbevolkte regio's [2]. Dit zou een reden kunnen zijn om kritisch te kijken naar specifieke financiële steun voor de binnenstad van één grote stad.
Bronnen:
"Op de gevel van een pand aan onze eeuwenoude hoofdstedelijke binnenstad prijkt de leus: 'De cost gaet voor de baet uyt'. In modern Nederlands: er moet eerst geïnvesteerd worden, voordat er geld verdiend kan worden. Dat bewustzijn moeten we weer van stal halen. Alleen met forse verbeteringen en investeringen in ons vestigingsklimaat en het schrappen van verstikkende regelgeving, zorgen we ervoor dat ook toekomstige generaties in een rijk land opgroeien."
"Alle regio's in Nederland doen ertoe: Nederland bestaat uit uiteenlopende regio's, met eigen krachten en uitdagingen. Die krachten benutten we. Investeringen en beleid van de overheid richten we op alle regio's en niet alleen op dichtbevolkte regio's. Bij de totstandkoming van nieuw beleid toetsen we wat de effecten daarvan op de regio zijn. Werken voor de Rijksoverheid betekent bovendien niet automatisch werken in Den Haag, maar moet net zo goed in bijvoorbeeld Goes of Doetinchem kunnen. Dit kan door het maken van afspraken over werken op satellietlocaties of vanuit huis."
"Levendige dorps- en stadskernen: We willen levendige winkelstraten in Nederland, in steden én dorpen. Mkb'ers dragen daar voor een belangrijk deel aan bij. We blazen daarom een succesvolle oude regeling van de Rijksoverheid die daarvoor zorgde nieuw leven in: de Impulsaanpak Winkelgebieden."
"Dit is het moment om vol te kiezen voor groei. Het alternatief is een keuze voor verval. Voor afbraak. Voor een lege portemonnee. Nederland kan zich geen krimpende economie veroorloven. Alleen met een sterke economie kunnen we opboksen tegen Poetin, Trump en Xi Jinping. Wij willen dat de 'taart' groter wordt. Dat betekent dat onze groene ambities niet kunnen leiden tot vertrekkende bedrijven en daarmee grijs elders. We moeten zorgen dat ondernemers minder tijd kwijt zijn met rapportageverplichtingen over hun werknemers en re-integratie. Dat we meer opleiden tot werknemers waar vraag naar is, zoals werktuigbouwkundigen, loodgieters en leraren. Dat een aannemer van A naar B kan rijden zonder eindeloos in de file te staan. Dat ondernemers in levendige winkelstraten kunnen ondernemen, in de stad én in dunbevolkte regio's. Dat onze bedrijven internationale gasten kunnen ontvangen omdat Schiphol een betaalbaar en relevant knooppunt blijft. En dat boeren zich minder zorgen maken over de toekomst."
"Nederland is een land van ondernemers. We zijn toonaangevend, al is dat geen vanzelfsprekendheid. De kracht van Nederland zien we elke dag: van de mainport van Rotterdam, tot de Greenport van het Westland en bij alle mkb'ers en familiebedrijven. Maar de problemen voor het midden- en kleinbedrijf stapelen zich op, door personeelstekorten, hoge energierekeningen en de afbetaling van coronaschulden. Nederland telt dit jaar relatief meer faillissementen dan vrijwel waar ook ter wereld, met bijna één op de vijf van deze faillissementen in de retail. Multinationals Shell en Unilever hebben ons land verlaten. De groei in Nederland stokt."