Meer onzelfstandige woningen voor studenten

De regering moet in studentensteden afspraken maken over het aantal onzelfstandige woningen (kamers) voor studenten. Deze afspraken moeten worden opgenomen in de nieuwe woondeals (plannen voor woningbouw). Er is namelijk een groot tekort aan woningen voor studenten.

Motie van het lid Van Leijen c.s. over onzelfstandige woningen voor studenten realiseren in studentensteden

De kamer, overwegende dat we sturen op de realisatie van 100.000 zelfstandige woningen per jaar; constaterende dat er tekort is aan zelfstandige woningen en aan onzelfstandige woningen voor onder meer studenten; verzoekt de regering om, naast de doelstelling van jaarlijks 100.000 zelfstandige woningen, afspraken te maken in de studentensteden over aantallen te realiseren onzelfstandige woningen voor studenten, en deze afspraken op te nemen in de nieuwe woondeals, zodat daarop ook kan worden gestuurd.
3 juni | D66, CDA, GL-PvdA | Aangenomen: 134–16 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma Volt

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij streeft naar een eerlijke woningmarkt voor studenten [3] en benadrukt dat jongeren weer 'op kamers' moeten kunnen wonen [2], omdat het huidige woningtekort studenten dwingt tot onzekere woonsituaties [1]. Daarnaast pleit de partij voor nationale regie op de volkshuisvesting [4] en wil zij dat er duidelijke, afdwingbare afspraken worden vastgelegd [6]. Ook steunt de partij het principe dat gemeenten moeten zorgen voor een goede mix van woningen [5].

Argumenten tegen: Er is in de verstrekte teksten geen informatie te vinden die tegen de motie ingaat.

Bronnen:

  1. "Volt pleit ervoor dat iedereen betaalbaar, veilig en prettig kan wonen. Het tekort aan woningen dwingt bijvoorbeeld studenten tot lange reistijden of onzekere woonsituaties. We maken het woningdelen voor iedereen eenvoudiger, bijvoorbeeld door gemeenten te helpen om hospitaverhuur te stimuleren. Daarnaast bouwen we tijdelijk en permanent bij, pakken eenzaamheid aan en stoppen met onwenselijke short-stayconstructies."
  2. "We zorgen op korte termijn voor meer (tijdelijke) woningen. Ook moet het delen van een woning financieel aantrekkelijker gemaakt worden, onder andere door de kostendelersnorm af te schaffen. Een gebrek aan betaalbare woningen mag nooit een reden zijn om in een onveilige situatie te blijven. Senioren moeten naar een veilige aanleunwoning kunnen, aan huiselijk geweld moet je kunnen ontsnappen en jongeren moeten op kamers kunnen wonen."
  3. "Wij zorgen voor een stabiele en eerlijke woningmarkt, waarin starters, studenten en mensen met een middeninkomen weer een kans krijgen."
  4. "Het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening krijgt een structureel budget waarmee het doel van 1 miljoen woningen bouwen ook echt gehaald kan worden. Daarnaast is nationale regie op de volkshuisvesting en ruimtelijke ordening nodig om nieuwe problemen in de toekomst te voorkomen. Het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening stelt langetermijnbeleid op voor een stabiele en proactieve sturing op een toekomstbestendig en blijvend passend woningbestand in Nederland."
  5. "Gemeenten moeten binnen hun nieuwbouwopgave zorgen voor een goede mix van woningen. In principe geldt: minstens twee derde van de nieuwe woningen moet betaalbaar zijn en minimaal 30% sociale huur. De precieze verdeling per type nieuwbouw (sociale huur, middenhuur of betaalbare koop) kan per wijk verschillen en is afhankelijk van de bestaande woonmix in de wijk. Zolang de gemeente als geheel deze doelen maar haalt. De minister krijgt de bevoegdheid om in te grijpen als de samenwerking vastloopt."
  6. "De overheid financiert onder de voorwaarde dat gerealiseerde betaalbare (midden)woningen voor onbepaalde tijd ook echt betaalbaar blijven. De Rijksoverheid en gemeenten moeten hiervoor duidelijke, afdwingbare afspraken vastleggen in contracten met projectontwikkelaars."