Regels voor groene waterstof behouden

Het kabinet moet in Europa zorgen dat de regels voor groene waterstof (RFNBO) hetzelfde blijven. De huidige regels zorgen voor minder CO2-uitstoot en lagere kosten voor Nederlandse huishoudens. Ook worden bedrijven die al hebben geïnvesteerd niet gestraft door nieuwe regels.

Motie van het lid Van Oosterhout over zich in Europa inzetten voor het behoud van de bestaande CO2-reductie-eisen voor hernieuwbare waterstof

De kamer, overwegende dat de Europese Commissie in juni zal voorstellen om de RFNBO-productieregels aan te passen; constaterende dat uurlijkse temporele correlatie bij waterstofproductie bijdraagt aan betere systeemintegratie van hernieuwbare energie, CO2-reductie en kostenbesparing voor Nederlandse huishoudens; constaterende dat koplopers geïnvesteerd hebben aan de hand van de huidige regelgeving en dat aanpassingen dat bestraffen; verzoekt het kabinet zich in Europa in te zetten voor het behoud van bestaande CO2-reductie-eisen voor hernieuwbare waterstof en uurlijkse temporele correlatie als leidend principe.
3 juni | GL-PvdA |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma BBB

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 85%)

Argumenten voor: De partij steunt de opschaling van alternatieven zoals waterstofproductie [1] en ondersteunt specifiek projecten voor elektrolysefabrieken voor groene waterstof [5]. Om de ondernemers te ondersteunen, wil de partij een eerlijk speelveld waarborgen zodat Nederlandse ondernemers niet worden benadeeld ten opzichte van buitenlandse concurrenten [4]. Daarnaast is het belangrijk voor de markt om te weten waarop geanticipeerd kan worden, wat aansluit bij de behoefte aan een visie op de infrastructuur voor waterstof [6]. Tot slot wil de partij het investeringsklimaat beschermen [2].

Argumenten tegen: De partij is kritisch op Nederland als 'klimaatkoploper' en wil geen extra nationale regels bovenop de Europese richtlijnen [6324, 6788, 6805]. Daarnaast pleit de partij voor een rem op wat zij beschouwt als verstikkende en onuitvoerbare EU-richtlijnen op het gebied van verduurzaming [3].

Bronnen:

  1. "Investering in onderzoek naar en opschaling van alternatieven. Daarbij kijken we onder andere naar (zeer) kleine modulaire kerncentrales (SMRs), decentrale biogasinstallaties, waterstofproductie en restwarmtebenutting en een slimmere koppeling tussen opwek, opslag en verbruik, bij voorkeur dicht bij elkaar geplaatst."
  2. "Stoppen met extra CO2-heffing voor industrie. De Nederlandse industrie staat onder grote druk door oplopende kosten, internationale concurrentie en een onzeker investeringsklimaat. BBB wil de extra nationale CO2-heffing voor de industrie daarom terugdraaien. Deze heffing, boven op het Europese ETS-systeem, schaadt ons vestigingsklimaat en jaagt bedrijven de grens over zonder aantoonbaar klimaateffect. BBB kiest voor een realistisch klimaatbeleid dat ondernemers niet straft, maar ondersteunt bij innovatie en verduurzaming. Door het afschaffen van de nationale CO2-heffing behouden we banen, versterken we onze industrie en voorkomen we 'carbon lekkage' naar landen met een minder ambitieus klimaatbeleid."
  3. "Rem op onuitvoerbare verduurzaming. BBB wil een rem op de verstikkende en onuitvoerbare EU-richtlijnen ten aanzien van verduurzaming (zoals bijhouden van CO2-administratie en plastictax) en andere regelgeving. De voorgestelde Omnibus-vereenvoudigingen inzake de doorgeschoten regels over duurzaamheid gaan BBB niet ver genoeg."
  4. "Overgang naar schonere brandstoffen. Bij de overgang naar schonere brandstoffen zoals biodiesel, synthetische brandstoffen en waterstof gaan we autogebruik niet ontmoedigen of bereikbaarheid beperken. We zorgen voor een eerlijk speelveld: Nederlandse transportondernemers mogen niet worden benadeeld ten opzichte van buitenlandse concurrenten. We waken voor overhaaste maatregelen die burgers en kleine ondernemers raken."
  5. "Investeren in nieuwe industriële technieken. BBB steunt pilot- en opschalingsprojecten voor bijvoorbeeld: * Elektrolyse fabrieken voor groene waterstof, * Circulaire kunstmest op basis van dierlijke mest, * Monovergisting en warmteterugwinning, * CO2-negatief staalproductie via innovatieve smeltprocessen."
  6. "Ondergrondse infrastructuur buisleidingen. De vraag naar transport van CO2, waterstof en ammoniak vereist een nieuwe visie op de investeringen in ondergrondse infrastructuur van buisleidingen. Er komt een overkoepelende visie waarbij de verschillende transitiepaden met elkaar in lijn worden gebracht zodat de markt weet waarop geanticipeerd kan worden."