Ketikoti als nationale feestdag maken

De regering moet van 1 juli, Ketikoti, een nationale feestdag maken. Deze dag is van groot belang voor veel mensen in Suriname, het Caribisch deel van het Koninkrijk en Nederland.

Motie van het lid Van Baarle over van 1 juli een nationale feestdag maken

De kamer, constaterende dat de Nationale Herdenking Slavernijverleden tijdens Ketikoti op 1 juli van groot belang is voor veel mensen in Suriname, de Caribische delen van het Koninkrijk en Europees Nederland; overwegende dat 1 juli wel wordt erkend als nationale herdenkingsdag, maar nog geen nationale feestdag is; verzoekt de regering om in overleg met sociale partners en nazaten van tot slaaf gemaakten tot een concreet voorstel te komen om van 1 juli, Ketikoti, een nationale feestdag te maken.
10 juni | DENK | Verworpen: 58–92 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma GL-PvdA

Stemverwachting: voor (erg zeker, 100%)

Argumenten voor: De partij stelt expliciet dat Keti Koti (1 juli) een nationale feestdag moet worden [1]. Daarnaast benadrukt de partij dat stilstaan bij het koloniaal- en slavernijverleden essentieel is [2] en dat er in het onderwijs aandacht moet zijn voor het koloniale verleden en de slavernij [4]. Ook wordt er gesproken over het belang van maatregelen voor nazaten van tot slaafgemaakten [3].

Argumenten tegen: Er is in de verstrekte fragmenten geen informatie te vinden die tegen de motie ingaat.

Bronnen:

  1. "Samen vieren en herdenken. We staan samen stil bij onze vrijheid, onze rechten en bij ons verleden. Bevrijdingsdag (5 mei) en Keti Koti (1 juli) worden nationale feestdagen."
  2. "Nationaal Slavernijmuseum. Stilstaan bij ons koloniaal en slavernijverleden is van essentieel belang om te kunnen reflecteren op onze samenleving van vandaag en te werken aan het Nederland van morgen. We ondersteunen daarom de totstandkoming van het Nationaal Slavernijmuseum."
  3. "Verwerk en herstel. In het hele onderwijs komt er voldoende aandacht voor het koloniale- en slavernijverleden van ons land. Historische figuren die misdaden tegen de menselijkheid hebben begaan, worden niet meer verheerlijkt. We zorgen dat de verhalen over de helden van onze gedeelde geschiedenis worden verteld en hebben oog voor de nog altijd onderbelichte bladzijden van ons koloniale verleden, waaronder die over West-Papua en de Molukken. Roofkunst geven we terug. Er komt een fonds voor en in het belang van nazaten van tot slaafgemaakten. We versoepelen en verlengen de regeling voor Surinaamse oud-Nederlanders die hun Nederlandse nationaliteit verloren ten tijde van de onafhankelijkheid."
  4. "Discriminatie bestrijden. I n het onderwijs besteden we meer aandacht aan de gevolgen van discriminatie, LHBTIQA+haat, antisemitisme, moslimdiscriminatie, discriminatie van nieuwkomers en uitsluiting. We waarborgen aandacht voor onder andere het koloniale verleden, slavernij, de Holocaust, de Joodse cultuur, de diverse LHBTIQA+gemeenschap en de verrijking van onze cultuur door nieuwkomers. We maken middelen vrij voor initiatieven die zich inzetten voor meer bewustwording, zoals het Nationaal Plan Versterking Holocausteducatie, projecten tegen moslimhaat, het programma Internationaal decennium voor mensen van Afrikaanse afkomst en programma's gericht op het versterken van de regenbooggemeenschap. De Nationaal Coördinator Antisemitismebestrijding (NCAB) en de Nationaal Coördinator Discriminatie en Racisme (NCDR) zetten hun belangrijke werk voort, waarbij de NCDR expliciet de opdracht krijgt om ook te focussen op de lhbti+ gemeenschap. Lesmateriaal moet inclusiever en qua representatie meer recht doen aan de huidige diverse samenleving."