Jaarlijkse controle pleeggezinnen en gezinshuizen

De regering moet ervoor zorgen dat de inspectie elk jaar alle pleeggezinnen en gezinshuizen bezoekt. De inspectie moet dit bij voorkeur zonder afspraak doen.

Motie van het lid Van Houwelingen over ervoor zorgen dat pleeggezinnen en gezinshuizen minstens eenmaal per jaar worden bezocht door de inspectie

De kamer, verzoekt de regering er zorg voor te dragen dat alle pleeggezinnen en gezinshuizen door de inspectie minstens één keer per jaar, bij voorkeur onaangekondigd, worden bezocht.
11 juni | FVD | Verworpen: 45–105 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma CU

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 75%)

Argumenten voor: De partij wil de rechtsbescherming van kinderen fors verbeteren [1] en bouwt aan omgevingen waarin kinderen gezond en veilig opgroeien [4]. Omdat de partij pleeggezinnen en gezinshuizen de voorkeur geeft boven opvang in instellingen wanneer uithuisplaatsing noodzakelijk is [1], kan toezicht worden gezien als een middel om de veiligheid in deze gezinnen te waarborgen.

Argumenten tegen: De partij wil de regeldruk verminderen en streeft naar zorg op basis van vertrouwen [2]. Zo wordt voorgesteld om controles bij bepaalde zorgvormen te verminderen van jaarlijks naar één keer per vier jaar [2]. Daarnaast is de partij terughoudend met overheidstoezicht dat niet in verhouding staat tot de risico's [3].

Bronnen:

  1. "Uithuisplaatsing is een buitengewoon ingrijpende gebeurtenis, juist omdat die de bloedband en het diepe emotionele verbond tussen ouder en kind verbreekt. Niet voor niets is het recht op gezinsleven verankerd in mensenrechtenverdragen. Uithuisplaatsing is een allerlaatste optie wanneer de veiligheid van een kind op het spel staat. Samen met de jongere en de ouder(s) moet eerst alles op alles worden gezet om te voorkomen dat dit nodig is. Jeugdzorgorganisaties die hier succesvol werk van maken, worden beloond. Als uithuisplaatsing onvermijdelijk is, zijn pleeggezinnen en gezinshuizen te prefereren boven opvang in een instelling. Er wordt zo snel als mogelijk gewerkt aan wat er nodig is om een kind weer bij de eigen ouders op te laten groeien. De rechtsbescherming van kinderen en ouders wordt fors verbeterd. Gesloten jeugdzorg wordt zorgvuldig afgebouwd. Er komt passende aanvullende financiering voor het toekomstscenario Kind- en gezinsbescherming, waarbij professionals in de keten veel beter samenwerken rond een gezin. Een stelselwijziging is geen doel op zich."
  2. "Het persoonsgebonden budget (pgb) blijft in stand, omdat het een middel is om met eigen regie en op basis van vertrouwen passende zorg te realiseren. Om het pgb op lange termijn te behouden is het nodig om misbruik van dit instrument te voorkomen en op te sporen. We verminderen de regelgeving door bij mensen met een fysieke beperking de controle (en herindicatie) één keer per vier jaar te laten plaatsvinden, in plaats van jaarlijks."
  3. "Overheidstoezicht hoort niet thuis in het informeel onderwijs, gegeven door bijvoorbeeld (sport) verenigingen en kerkgenootschappen. De overheid kan nu al ingrijpen wanneer de regels van de rechtsstaat overtreden worden. Overheidstoezicht op al het informeel onderwijs schiet zijn doel voorbij en staat niet in verhouding tot de mogelijke risico's."
  4. "De ChristenUnie wil bouwen aan liefdevolle omgevingen waarin meer kinderen gezond en veilig opgroeien, zodat zorg van buitenaf minder vaak nodig is. Vragen en twijfels horen bij opgroeien en opvoeden. Jeugdhulp heeft niet voor alle vragen van het leven een oplossing. Bovendien spelen er vaak ook andere vragen in en rond een gezin, bijvoorbeeld bij relatieproblemen, schulden of gebrek aan een netwerk. Daarom versterken we de pedagogische basis van ouders, school en buurt en lossen we de daadwerkelijke problemen (armoede, schulden, relatieproblemen) op, in plaats van kinderen de boodschap te geven dat het aan hen ligt."