De regering moet in Europa plannen maken voor maatregelen als Israël hulpverleners uit Gaza uitzet. Denk aan het stopzetten van handelsafspraken (het associatieakkoord). Het uitzetten van deze organisaties heeft namelijk grote gevolgen. De regering moet ook duidelijk communiceren over deze plannen.
Motie van het lid Van der Werf c.s. over pleiten voor de voorbereiding van maatregelen indien Israël definitief overgaat tot het verbieden of uitzetten van humanitaire hulporganisaties
De kamer,
constaterende dat Nederland samen met een groot aantal Europese
partners grote zorgen heeft uitgesproken over de dreigende uitzetting van
humanitaire hulporganisaties uit Gaza;
constaterende dat de ondertekenaars van deze verklaring gezamenlijk een
gekwalificeerde meerderheid binnen de Europese Unie vertegenwoordigen;
overwegende dat het definitief uitzetten van cruciale humanitaire
hulporganisaties niet zonder gevolgen kan blijven;
verzoekt de regering in Europees verband te pleiten voor de voorbereiding van maatregelen indien Israël definitief overgaat tot het verbieden
of uitzetten van humanitaire hulporganisaties, waaronder opschorting van
het handelshoofdstuk van het associatieakkoord, en hierover openlijk te
communiceren.
Argumenten voor: De partij wil dat de Nederlandse regering de handhaving van het internationaal recht bevordert, waarbij het specifiek benoemt dat aanvallen op hulpverleners een grove schending van dit recht vormen [1]. Om druk op Israël uit te oefenen, stelt de partij expliciet voor om handelsvoordelen uit het EU-Israël-associatieverdrag op te schorten, bij voorkeur via de Europese Unie [1]. Daarnaast is het op grote schaal doorlaten van humanitaire hulpgoederen een belangrijk doel voor de partij [2].
Argumenten tegen: Er is onvoldoende informatie in de verstrekte tekst om een argument tegen de motie te formuleren.
Bronnen:
"De Nederlandse regering moet zich inspannen voor de handhaving van het internationaal recht. Doelgerichte aanvallen op burgers, journalisten en hulpverlenersvormen een grove schending van dit internationaal recht. Hierbij past grotere druk op Israël bijvoorbeeld door de handelsvoordelen uit het EU-Israël-associatieverdrag op te schorten, of sancties op personen. Dit gebeurt bij voorkeur via de economische en politieke kanalen van de EU. Blijft dat zonder resultaat, dan neemt de Nederlandse regering deze maatregelen samen met gelijkgestemde landen."
"Alle inspanningen moeten op de kortst mogelijke termijn gericht zijn op het op grote schaal doorlaten van humanitaire hulpgoederen, een definitief staakt-het-vuren in Gaza, en vrijlating van de Israëlische gijzelaars."