Geen BHO-geld voor hulp aan Oekraïne

De regering moet de 419 miljoen euro voor hulp aan Oekraïne niet uit de BHO-begroting betalen. BHO is het budget voor humanitaire hulp. De Kamer heeft namelijk al eerder besloten dat dit geld niet voor Oekraïne gebruikt mag worden.

Motie van het lid Dobbe over de 419 miljoen voor Oekraïne niet dekken uit de BHO-begroting

De kamer, constaterende dat het kabinet voornemens is om per 2027 419 miljoen euro voor niet-militaire steun aan Oekraïne uit BHO-middelen te betalen; constaterende dat er een aangenomen motie ligt (36 045, nr. 100) die stelt dat de gelden voor Oekraïne niet uit de BHO-begroting moeten worden gehaald; verzoekt de regering om een voorstel te doen om de 419 miljoen die is geoormerkt voor Oekraïne, niet te dekken uit de BHO-begroting.
11 juni | SP |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma VVD

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij streeft naar de grootste investering in defensie in decennia en wil een forse investering van 3,5% om de krijgsmacht te moderniseren en de NAVO-verplichtingen na te komen [1][3]. Om deze langetermijnzekerheid te bieden, wil de partij de NAVO-norm van 3,5% ook wettelijk vastleggen [4]. Daarnaast wil de partij middelen verschuiven van ontwikkelingssamenwerking naar defensie [2]. Door niet-militaire steun voor Oekraïne niet uit de BHO-begroting te halen, blijft er meer ruimte over binnen dat budget om de gestelde defensiedoelen en de modernisering van de krijgsmacht te realiseren [1][4].

Argumenten tegen: De partij benadrukt dat zij Oekraïne

Bronnen:

  1. "De grootste investering in defensie in decennia: Om de Russische dreiging het hoofd te bieden en onze manier van leven veilig te stellen, moeten we beschikken over een technologisch superieure krijgsmacht. Daarvoor kunnen we niet lui op anderen leunen. We moeten zelf voor onze veiligheid kunnen zorgen, uiteraard samen met onze bondgenoten. Dit vraagt om een forse investering in onze defensie. Een investering van 3,5% is nodig om onze krijgsmacht te moderniseren en onze NAVO-verplichtingen na te komen; een eerlijke contributie is de logische en morele verplichting van elke bondgenoot."
  2. "Minder ontwikkelingssamenwerking, meer defensie: De VVD gaat mee met de huidige geopolitieke realiteit door te investeren in defensie en minder uit te geven aan ontwikkelingssamenwerking. We volgen hiermee het voorbeeld van meer Europese landen, zoals het VK. Wat de VVD betreft blijven we middelen vrijmaken voor noodhulp, de VN en opvang in de regio. Elke euro die Nederland in het buitenland uitgeeft, moet bijdragen aan onze eigen veiligheid, vrijheid en economische kracht. Dit geldt dus ook voor de middelen die we inzetten voor ontwikkelingssamenwerking. Migratiebeheersing is ook geopolitiek, en vormt daarom een cruciaal onderdeel van dit beleid. Landen die weigeren om uitgeprocedeerde asielzoekers terug te nemen, kunnen niet langer op onze hulp rekenen. Onze steun is voorwaardelijk en dient altijd het Nederlands belang."
  3. "De grootste investering in defensie in decennia: om de Russische dreiging het hoofd te bieden en onze manier van leven veilig te stellen, moeten we beschikken over een technologisch superieure krijgsmacht. Een directe investering van 3,5% is nodig om onze krijgsmacht te moderniseren."
  4. "Defensie zekerheid geven met de NAVO-norm in de wet: Onze veiligheid is te belangrijk om afhankelijk te zijn van politieke grillen. Het opleiden en behouden van personeel, het opschalen van productiecapaciteit, en de verdere doorontwikkeling van de krijgsmacht vragen om lange termijn zekerheid. De VVD heeft de 2%-norm al als harde ondergrens wettelijk vastgelegd. Om ons land en onze krijgsmacht de zekerheid voor de lange termijn te geven die zij verdient, leggen we de geldende NAVO-norm van 3,5% als streefcijfer ook vast in de wet. Stelt de NAVO een hogere norm, dan willen we dat de wettelijke verplichting ook weer verhoogd wordt."