Handel met Rusland aanpakken

De regering moet onderzoeken hoe bedrijven beter gestraft kunnen worden om handel met Rusland te stoppen. Sommige Nederlandse bedrijven werken namelijk nog steeds met Rusland, ondanks de huidige sancties (verboden om handel te drijven). Een mogelijke maatregel is om de overheidssteun voor deze bedrijven te beperken.

Motie van de leden Dassen en Struijs over beleidsmatige maatregelen voor naleving van het ontmoedigingsbeleid ten aanzien van economische activiteiten in Rusland

De kamer, overwegende dat er nog steeds Nederlandse bedrijven zijn die economische activiteiten hebben in Rusland ondanks de sancties; verzoekt de regering te onderzoeken hoe naast het ontmoedigingsbeleid er ook beleidsmatige maatregelen genomen kunnen worden, bijvoorbeeld ten aanzien van het ontvangen van overheidssteun, om naleving van het ontmoedigingsbeleid te bevorderen.
16 juni | Volt, 50PLUS |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma CU

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij zet zich internationaal in voor het verzwaren van de sancties tegen Rusland om de Russische oligarchen financieel te raken [1]. Daarnaast wordt als uitgangspunt gehanteerd dat bedrijven die gebruikmaken van overheidssteun, internationale normen moeten onderschrijven en naleven [2]. Ook is de partij bereid geldstromen uit onvrije landen aan banden te leggen [3].

Argumenten tegen: De partij waarschuwt voor overregulering waarbij bedrijven worden gevraagd om kolossale administratiesystemen bij te houden die niet of zeer beperkt bijdragen aan een redelijk doel [4].

Bronnen:

  1. "agressie. Nederland spant zich internationaal in voor verdere verzwaring van de sancties om Rusland en de Russische oligarchen financieel en persoonlijk te raken. Nederland blijft zich inzetten voor hoofdstuk 7 van het Ukraine Peace Formula dat zich onder andere richt op het onderzoek doen naar schendingen en de berechting van daders door het opzetten van een tribunaal voor Russische oorlogsmisdaden. Nederland steunt Oekraïne in het traject naar lidmaatschap van de NAVO en de EU. Oekraïne zal hiervoor moeten voldoen aan de reguliere voorwaarden."
  2. "Er is in onze economie geen enkele plaats voor kinderarbeid en uitbuiting. De Wet Zorgplicht Kinderarbeid, die al door beide Kamers is aangenomen, wordt met spoed uitgevoerd. Producten waarvan de productie in strijd is met internationale afspraken op het gebied van mensenrechten, kinderarbeid of milieu, worden geweerd, óók als dat de exit van platforms als Temu en AliExpress uit Nederland betekent. Het uitgangspunt wordt dat bedrijven die van overheidssteun gebruikmaken, de OESO-normen rond internationaal maatschappelijk verantwoord ondernemen onderschrijven en naleven."
  3. "De Parlementaire ondervragingscommissie ongewenste beïnvloeding uit onvrije landen (POCOB) heeft verontrustende conclusies gepresenteerd. Uit het onderzoek blijkt dat bepaalde islamitische landen met geldstromen invloed uitoefenen in onder meer moskeeën en informeel islamonderwijs. Om dit tegen te gaan leggen we geldstromen uit onvrije landen aan banden. We streven er naar organisaties die dergelijke invloed uitoefenen te verbieden. Vaak zijn deze organisaties in andere landen om deze reden al verboden. Landen die onvrijheid of terrorisme subsidiëren worden gesanctioneerd. Hierin telt de dreigingsappreciatie van de NCTV zwaar mee. De Nederlandse regering stuurt geen afvaardiging naar sportevenementen in dergelijke landen."
  4. "Dat een vitale en duurzame economie mogelijk is, laten veel bedrijven al zien. Ze dragen door slimme innovaties bij aan de waardecreatie van de toekomst. Als goede werkgevers dragen ze zorg voor hun personeel en maken verantwoorde keuzes als het gaat om duurzaamheid en milieu. Natuurlijk is normering vanuit de overheid hierbij nodig, bijvoorbeeld om achterblijvers te prikkelen om ook die goede keuzes te maken. Dit leidt soms echter tot overregulering, waarbij van bedrijven wordt gevraagd om kolossale administratiesystemen bij te houden die niet of zeer beperkt bijdragen aan een redelijk doel. Ondernemers die alle ritten van hun personeel bijhouden en rapporteren. Kleine bedrijven die met moeite voldoen aan de gedetailleerde CSRDuitvragen van bedrijven verderop in de keten. Of financiële instellingen die rapporteren over talloze indicatoren, zonder dat dit hun portefeuille daadwerkelijk duurzamer maakt."