Handel met Rusland aanpakken

De regering moet onderzoeken hoe bedrijven beter gestraft kunnen worden om handel met Rusland te stoppen. Sommige Nederlandse bedrijven werken namelijk nog steeds met Rusland, ondanks de huidige sancties (verboden om handel te drijven). Een mogelijke maatregel is om de overheidssteun voor deze bedrijven te beperken.

Motie van de leden Dassen en Struijs over beleidsmatige maatregelen voor naleving van het ontmoedigingsbeleid ten aanzien van economische activiteiten in Rusland

De kamer, overwegende dat er nog steeds Nederlandse bedrijven zijn die economische activiteiten hebben in Rusland ondanks de sancties; verzoekt de regering te onderzoeken hoe naast het ontmoedigingsbeleid er ook beleidsmatige maatregelen genomen kunnen worden, bijvoorbeeld ten aanzien van het ontvangen van overheidssteun, om naleving van het ontmoedigingsbeleid te bevorderen.
16 juni | Volt, 50PLUS |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma BBB

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij stelt dat wanneer een klein deel van de bedrijven zich niet aan voorwaarden houdt, de overheid zich specifiek moet richten op de bedrijven die deze voorwaarden niet naleven, in plaats van een hele sector te straffen [1].

Argumenten tegen: De partij wil dat de regeldruk en lasten voor ondernemers laag blijven [2][3] en dat de overheid ondernemerschap niet moeilijker maakt [5]. Het gebruik van overheidssteun als instrument om naleving van beleid af te dwingen, kan worden gezien als een extra vorm van regelgeving of een verhoging van de lasten die de concurrentiepositie kan beïnvloeden [2][4].

Bronnen:

  1. "Ontheffingen behouden. We straffen niet een hele sector door ontheffingen te weigeren omdat een klein deel van de bedrijven zich niet aan voorwaarden heeft gehouden. In zo'n geval richten we ons specifiek op de bedrijven die voorwaarden niet naleven."
  2. "De concurrentiekracht van Nederland neemt af door extra regelgeving, hoge lasten en een gebrek aan economisch strategisch beleid. Europese regels worden vaak vergaand doorvertaald en nationaal verzwaard. We zetten in op een economie die past bij de kracht van Nederland: slimme landbouw, technische innovatie, hoogwaardige productie en sterke regio's. Economisch beleid moet gericht zijn op versterking van ons concurrentie- en verdienvermogen."
  3. "We investeren in ons vestigingsklimaat. Daarbij erkennen we de bijdrage die onze bedrijven, zowel multinationals als mkb-bedrijven, leveren aan onze schatkist. Multinationals zijn erg belangrijk, voor de werkgelegenheid, voor innovatie maar ook voor onze mkb-bedrijven. Veel Nederlandse mkb-bedrijven zijn een belangrijke toeleverancier voor onze multinationals. We verlagen de regeldruk en houden hier zo veel als mogelijk rekening mee bij belastingmaatregelen."
  4. "Ook bij de invoering van eventuele nieuwe fiscale milieumaatregelen is het voor ons belangrijk dat onze Nederlandse bedrijven daardoor niet in een nadelige concurrentiepositie komen in vergelijking met hun buitenlandse concurrenten."
  5. "Een sterke economie begint bij vertrouwen in eigen kunnen. Nederland is groot geworden door mensen die durf tonen, vakmanschap bezitten en kansen grijpen. Van boerencoöperaties en familiebedrijven tot startups, mkb'ers, zzp'ers en grote ondernemingen: zij zorgen voor werk, vooruitgang en welvaart. Niet de overheid creëert waarde, maar mensen die ondernemen, bouwen, verhandelen en verbeteren. Toch maken we het deze hardwerkende mensen steeds moeilijker. Regeldruk, hoge lasten en stroperige procedures ontmoedigen ondernemerschap, terwijl andere landen hun bedrijven juist koesteren. Dat moet anders."